Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Voor Kinderen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor Kinderen.

5 minuten leestijd

DOOR EEN BAARD.

Dat uit een twist om een baard een oorlog kan ontstaan, die velen bet leven kost, klinkc ongelooflijk. En toch is het zoo, gelijk de geschiedenis ons leert.

Een lange baard onderscheidde van ouds de Franken van andere onder het juk gebrachte volkeren, en men droeg dien als een eeretecken. De jonge lieden hadden \'ooral groote zorg voor hunne kacvelba& rden. Maar tegen het einde van de elfde eeuw verklaarde Willem, aarts bisschop van Rouaan, zich tegen het lange baar en de baarden, en bracht bet, zegt men, in een algemeene kerkvergadering, in het jaar 1096 gehouden, zoo ver, éiX dezulken, die lang haar droegen, van de Christelijke gemeenschap ïouden afgesneden worden, en dat raen, na hun doöd niet voor hen zoude bidden.

De saak liep echter zoo gemakkelijk niet af. Ds baarden kregen aanzienlijke verdedigers, en de hitte van den ijver ging zoo hoog, dat men zich aan beide kanten beroemen kon, martelaars voor de zaak te hebben. Het allerergste van deze geschiedenis was, dat Lode-«ijk VII zelf zich den baard liet scheren, maar dat zijn gemalin, Eleonora van Aquitanië, hem deswege verachtte, en zulk een tegenzin en vijandschap tegen hem opvatte, dat zij zich van hem liet scheiden.

Zes weken na deze echtscheiding trouwde de koningin met Hendrik, hertog van Normandie, die naderhand koning van Engeland wejd. Voor bruidsgoed bracht zij hem de provinciën Poitou en Guienne aan. Dan, dit werd de oorsprong van die langdurige oorlogen, welke Frankrijk dertig jaren achtereen in vuur en vlam gezet hebben. „Het kostte", zegt de geschiedschrijver, „meer dan drie miljoen Franschenhet leven, dat een aartsbisschop knorrig tegen zijn baard was geworden; dat een koning zich liet barbieren, en een koningin geen behagen had in de gladde kin van haren man.”

Hoe dwaas en ijdel is de menscb, dat hij over zulke onbeduidende dingen haat en krakeel maakt, en zijn liefde verandert in afkeer, en hoe zot is het van een man, die anderen nog wel moet voorgaan, er zonde in te vinden, dat iemand een baard draagt, dien hij toch niet zelf kan laten groeien. Tot al zulke dingen echter komt men, als het hart niet leefc voor den Heere en in de dingen van Zijn koninkrqk. Wie dat waarlijk doet, is te wijs, om zich - met zotheden, als waar we van spreken in te laten.

WEL GELOOND.

In ’t jaar 177a woonden bij of in Zwartsluis in Otrerijsel een man en vrouw, die twee kinderen hadden, beide jonge knapen.

Nu ging eens in het begin van Sprokkel maand, de man met zijn zoontje uit. Zij werden onderweg gevolgd door een hun onbekenden hond, dien zij, wat moeite zij daartoe deden, niet konden verjagen. Het kind schepte zooveel genoegen in den hond, dat de vader, hoezeer ook tegen zijn zin, zich liet overhalen om het dier verder ongemoeid te laten volgen, en hei mede naar huis te nemen.

Weinig dagen daarna ging dit kind met zijn broertje een boodschap doen, in gezelschap van zijn nieuwen hond. Beide kinderen begaven ïich onvoorzichtig op het ijs, en vielen er door, midden in het zoogenaamde Zwarte Water. Vast en zeker zouden zij verdronken zijn, in het aanzien van zeer vele menschen, die naar den oever van dat water kwamen toeschieten, maar er met geen mogelijkheid konden bijkomen om de kinderen te redden.

Doch de getrouwe hond greep het oudste kind eerst van achteren. Toen dit mislukte, vatte hij het bij het voorpand van de kleederen, en haalde het uit het water. Terstond trok bij ook het kleinste jongen'js uit het ijs, en sleepte hen beiden daarover naar het land; alwaar zij tot onuitsprekelijke blijdschap van de ouders, en overgroote verwondering der menigte van ooggetuigen, behouden aankwamen.

Hoe zij ontvangen werden begrijpt ge. De hond niet minder hartelijk dan de kinderen. Een lekker kluifje was zijn belooning. Nu dat had hij verdiend, even als de man rijk geloosd was voor de gastvrijheid aan het zwervende dier bewezen. Mogen ouders en kinderen maar niet-vergeten hebben, Hem te danken, bij wien ons leven, onzen adem en al onte paden zijn.

AAN VRAGERS.

Onze lezer D. K. te S. die gelezen heeft van het zendiDgs7/etk der Waldenzische keik in Italië, raakte met iemand daarover in gesprek. Nu werd de vraag gesteld, of de Waldenzitche kerk een voortzettiDg is van een der kerken van Klein-Azië, Geen van beiden kon die vraag oplossen.

De keiken van Kleia-Azie zijn die, welke genoemd worden in het begin van Johannes' Openbaring, en voorts in de Handelingen en de Brieven. Al deze betichten dagteekenen uii de iste eeuw.

Van de Waldensen vinden wij voor het eerst melding gemaakt op het einde der 12de eeuw, toen Pettus Waldus te Lyon, naar wien zij waarschijnlijk heeten, zijn evangeliearbeid begon, en wegens sijn prediking door Rome werd vervolgd.

De kerken in ArAe zijn te gronde gegaan omstreeks 700 na Chr. door de macht van het Mahomedanisme, tegen hetwelk zij, in de dwa ling vervallen, niet bestand waren. Er is weinig of niets van die oude kerken meer over.

Tusschen bet ophouden van hun bestaan en het ontstaan der. Waldenzen liggen dus vier of vijf eeuwen. Daarbij lagen die kerken in het verre Oosten en woonden de Waldenzen in het Westen, Piemont, Noord Italië. Van daar naar Klein Adë was in dien tijd een gevaarlijke reis van maanden. Bovendien bestond er tusschen de volken van het Westen en die van het Oosten weinig of geen gemeenschap.

Uit dit alias volgf, dat zoo goed als zekei de kerk der Waldeazen en die van het Oosten niet tot elkaar in betrekking staan. Veeleer wijst alles op bet tegendeel daarvan.

CORRESPONDENTIE.

E. A. W. te V. In dank ontvangen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 21 februari 1909

De Heraut | 4 Pagina's

Voor Kinderen.

Bekijk de hele uitgave van zondag 21 februari 1909

De Heraut | 4 Pagina's