De Vereeniging van Vrijzinnige
De Vereeniging van Vrijzinnige Hervormden te Haarlem hsgeft tot dea Kerkeraad der Hervormde Kerk het verzoek gericht, ia de bestaande vacature een predikant van hunne richting te beroepen, daarbij o. m. als motief opgevende, dat de modernen ook in den hoofdelijken omslag mee betalen, en daarom de billijkheid meebrengt, dat de Kerkeraad ook voor hun belangen zorgt.
De Kerkeraad wees dit verzoek van de hand en gaf daarbij de volgende redenen op :
„Tot zijn leedwezen kan en mag (de kerkeraad) et niet toe medeweiken, dal aan uw verzoek wordt voldaan. Zeer zeker wil de Ned. Herv, Kerk volkskerk zijn en blijven, in dezen zin, dat zij allen omvatten wü, om allen tot het evangelie van Christus te breiigenj maar, naar het oordeel van den Kerkeraad, mag ze niet volkskerk zijn in dien zin, dat daarmede gezegd zou. worden, dat ze geene belijdenis heeft. De kerk moet den naam van den heer Jezus Christus belijden, of ze zou o.i. zich zelve oplossen. Natuurlijk weet de kerkeraad, dat er ook onder hen, die op den bodem van de belijdenis der kerk staan, verschil van gevoelen kan zijn, en tegen deze nuanceering heeft hij in beginsel geen bezwaar. Maar tusschen de belijdenis der kerk en „de vrijzinnige richting", ïooals die althans zich tot op den tegenwoordigen dag heeft doen gelden, is het geen verschil van „meer of minder", maar van „ja of neen".
„Ofschoon de kerkeraad dus niet denkt aan een kerkrechterlijke handhaving der belijdenis, meent hij, voor zooveel het van hem afhangt, alleen die predikanten te mogen beroepen, die het evangelie van Je^us Giristus (naar Art. 11 van het Alg. Règl. voor de Ned. Herv. Kerk in het Kon. der NèderlaïJden es naar Art. 27 van het Regl. van het Examen) verkondigen, overeenkomstig de bsginselen en het karakter der Ned. Herv. Kerk bier te lande. De kerke raad wenscht, daar, naar u evenzeer als hem bekend is, in onze kerk bestuur en beheer volkomen gescheiden zijn, niet in te gaan op uwe opmerkingen over den hoofdelijken omslag. Het doet den kerkeraad innig leed, u tè moeten teleurstellen. Gold het een zaak van ander belaag, hij zou niets liever doen dan u ter wille zijn uit eerbied voor uwe personen en den ernst uwer overtuigingen. Maar om des gewetenswil kon hij niet anders",
In dit antwoord klinkt een toon, die weldadig aandoet. De besliste weigering om een predikant te beroepen, die lijnrecht tegenover de belijdenis der Kerk staat, eert den Kerkeraad,
Alleen klinkt het zonderling, dat de Kerkeraad verklaart niet te denken aaa een "kerkrechtelijke handhaving der belijdenis". Indien een Kerk zonder belijdenis zich zelve oplost en daarom in de Kerk niemand als predikant raag optrelen, die met de belijdenis in openbare tegen.spraak is, ligt dan daarin niet een kerkrechtelijke handhaving der Confessie?
Of bedoelt de Kerkeraad, dat hij er niet aan denkt de kerkelijke tucht te handhaven en daarom wei weigert een modern predikant te beroepen, maar overigens alle afwijking van de belijdenis in eigen kring geduldig zal dragen?
Dan zou de Vereeniging van Vrijzinnige Hervormden volkomen het recht hebben te antwoorden, dat de Kerkeraad met twee maten meet.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 14 maart 1909
De Heraut | 4 Pagina's