INGEZONDEN STUKKEN.
{Buiien veranliüoordeli/kheid van de Redactie)
Aan de relactie van De Heraut.
Hooggeleerde heer 1
Ik waoade pas, als gast, een exaimsn bij met ongustigea afloop. Dit is treurig voor hem, dien het geld-ea ook onaangenaam voor hen, die het vonnis moeten uitspreken.
Maar daarom te meer dient gevraagd of de localiteit en het zitten van de vergadering en van den examinandus er toe medewerken om een gunstigen afloop te kunnen verwachten.
Daar komt de eximinaudus in een tamelijk groote, allhans hooge kerk. Hem wordt verzocht den kansel te beklimmen en een kwartier te sprekec. Het gaat best. Voorzichtig en toch vrijmoedig levert hij zijn sctiets, overal verstaanbaar zonder hard te spreken. Mooi zoo. Nu daalt bij af en zijn oogen worden geopend voor de plaats waar bij gaan zitten moet. Als 's. u belieft mijnheer, daar is uw plaats, ('t Was in 't midden van een wijd uitgezet hoefijzer). Daar zit hij nu, de helft achter en de helft voor hem. Wi! n maar opslaan.., . Er wordt opgeslagen, gelezen, over en weer gesproken, he( lijkt niet onaardig te gaan. Maar wat hoor ik daar? „Harder, harder, wij kunnen het hier niet verstaan." „Mijnheer, of u wat harder spreken wil, " zegt de Voorzitter. De examinandus, hoewei wat onthutst door die beweging, doet zijn best om luider te spreken. Maar alweer klinkt er een stem: „Mijnheer de Voorzitter! wij kunnen het niet verstaan." Daar staat de Voorzitter en denkt: wat nu te doen ?
Laat hem daar gaan zitten (in het midden van de bocht van het hoefijzer, aan den buitenkant) dan moet hij vaa zelf harder spreken, roepen er stemmen.
Goed zoo, de examinandus zit.
't Derde bedrijf. Wat is enz. roept de examinator, maar 't jonge mensch moet even denken — dat mag toch wel — en hij vergeet weer luid te spreken. Al spoedig is het: luider, luider. So zoo gaat het, bij afwisseling voort, M, H. ds Redacteur! ik heb niets met het jonge mensch te maken, maar ik wil toch wel vragen: wie kan op zoo'n manier er het hoofd bijhouden? Eximinator en examinandus konden elkaoder soms niet verstaan, Ea omdat er meer in zoo 'n vaarwater omgekomen, zijn, zou het dunkt me noodig zijn, dat een examen, waarover een dertig man heeft te oordeelen, in een kleiner locaiiseit werd afgenomen, waar men gezelliger bij elkander zit en de een den ander verstaan kaa. IQ een locaal van vijf bij vier Mster, met een niet te groote tafel, kan men er heel wat plaatsen. Hoeveel catechisanteE sitten er vaaK niet in een consistoriekamer. Waarom zou daarin geen exjmen afgenomen worden. En bij een tamelijk groote kerk is er licht eea kamer van die afmeting.
Wil u dit opnemen in de Heraut, dan dank ik u bij voorbaat daarvoor. Misschien kan er ten goede der examinandi meegerekend worden en ook ten goede en veraangenaming van exiuiiaatoren en allen die over zulk esn examen hebben te oordeelen.
Mcb hoogichtiag heb ik de eer te zijn,
Uw dw. dr. X.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 5 december 1909
De Heraut | 4 Pagina's