Leestafel.
I. J. VAN ANDEL, Etn-pred. van GORINCHEM. SALOMO'S HOOGLIED voor de Gemeente bewerkt. Kampen — J. H. Kok — 1909.
Van het oogenblik af waarop ik voor het eerst zijn TWAALF KLEINE PROFETEN uit had, zijn mij de geschriften van Ds, J. VAN ANDEL steeds bijïonder welkom. Zij toch doen mij genieten van den goeden smaak, de diepe Scbriftkennis en de oorspronkelijkheid van hun auteur. Ik ben dan ook blij, dat nu het preeken hem pbysiek onmogelijk is geworden, hij toch nog voort kan gaan met schrijven.
Welkom was mij dan ook zijn jongste papieren kind, SALOMO'S HOOGLIED en, na sympathieke ontvangst van mijn zijde, heeft het mij, bij nadere kennismaking, geen minder genot zeker verschaft dan V. ANDEL'S oudere papieren kinderen mij hebben gedaan. In een keurig bandje van elegant formaat, en, ook wat lypographische uitvoering betreft, alle eer doende aan den uitgever, ligt VAN ANDEL'S bewerking voor de Gemeente van dit, voor den oppervlakkige, zoo zonderlinge bijbelboek hier voor mij.
Is reeds het preeken over of uit bet Hooglied zoo maar niet ieders werk, — ik herinner mij nu op eens die preek welke ik eens gehoord heb over h. I. : 4: De koning heeft mij gebracht in zijn binnenkameren" — in welke preek de geachte redenaar niet, met den be kenden éénen, stap uit het toch waarlijk zoo sublime, dat in deze woorden ligt, stapte, maar al dadelijk smèkte in het ridicule —, nog minder is het ieders werk er over te schrijven.
Wat is er niet al over geschreven? Wat al meeningen zijn er omtrent den zin van dit lied niet al verkondigd? Welke is, op het stuk van zin, zijn rechte zin? Want, al zijn allen het er over eens, dat het éene onderwerp in dit lied bezongen, de wederkeerige liefde is van een man en een vrouw, zij verschillen in het antwoord op de vraag of achter dien letterlijken, nog een diepere, een verborgen zin ligt. Een ander verschil loopt over de vraag naar den vorm, en wel of het éen lied is, dan wel een verzameling van liedjes, waarbij dan de voorstanders van den bloot letterlijken zin zelfs van aaneengeregen bruiloftsliedjas spreken. Maar ook onder hen, die het eens zijn omtrent de éénheid en ook omtrenteen dieperen zin, bestaan nog weer verschillen. En een dezer verschillen is dan, dat volgens sommigen maar twee, SALOMO en SJULAMIET, volgens anderen drie hoofdpersonen, SALOMO, SJULAMIET en de HERDER, welke laatste dan de vriend en geliefde van SJULAMIET ZOU wezen, —in dit gedicht optreden, V, ANDEL toont van al deze vragen op de hoogte te wezen en in de Hooglied-literatuur allerminst een onbekende te zijn. In een Inleiding toch wordt dit alles beknopt en zonder omhaal van geleerdheid uiteengezet, en dan gepleit voor de eenheid en den dieperen zin, en gekozen voor de „herder-hypothese".
Maar, het is, zooals ik zeg, niet ieders werk over het Hooglied te Echrijven.
Met een, zelfs vrij eerbiedwaardige, kennis van de bestaande literatuur is men er nog niet af. Je moet zelf een beetje artistiek zijn bijgewerkt om van de literaire kunst, die er in zit, te genieten en anderen te doen genieten. En daarbij is dan ook nog uoodig, ik mocht wel zeggen allereerst noodig, dat men genoegzaam mystiek is aangelegd om den verborgen zin, die, ook naar mijn overtuiging, zit in dit volkslied der christelijke mystiek aller eeuwen, te voelen, te vatten, te genieten.
Aan deze twee vereischten voldoet nu VAN ANDEL óók, en daarom was het metterdaad een werk voor hem, over het Hooglied te schrijven. Van de „Herder hypothese" heeft hij, door haar in verband te brengen met „den historischen achtergrond'j dat niét de schitterende SALOMO, maar de MESSIAS de ware bruidegom van het echte Israël was, een zeker niet onvernuftig gebruik gemaakt, al wil het mij ook voorkomen, dat genoemde hypothese, ook düs, nog maar hypothese blijft. Met haar aantenemen toch verklaart men het Hooglied niet ? oo, dat deze onderstelling, ik zeg niet, tot volstrekte zekerheid, maar althans tot de hoogste mate van waarschijnlijkheid wordt.
Hisr en daar zou ik ook een bedenking willen maken.
Zoo b.v. tegen VAN ANDEL'S opvatting van „de wijngaarden", waarvan in het Hooglied meermalen wordt gesproken en waarin hij GODET volgt. In afwijking van de zijne toch, komt mij waarschijnlijker voor de meening van andere uitleggers, dat wij op sommige plaatsen, waar van „wijngaard" wordt gesproken, juist niet den letterlijken zin hebben vasttehouden. Ojk acht ik het niet onbedenkelijk om op grond van h, 7 : I te besluiten, dat Sjulamiet „van huis uit niet minder dan een prinsendochter was" p, 15
Maar met dit al was mij de lezing van VAN ANDELS bewerking van het Hooglied in meer dan e? n opzicht een gk.not. En waar hij door dezen arbeid aan de Gemeente het Hooglied wil doen verstaan „als een profetisch messiaansch lied, een lied welks verborgenheid groot is; want de liefde, die er zich een gedenkteeken barer trouw heefc gesticht, is die van de gemeente tot Christus" — daar deel ik van harte zijn wensch, „dat die arbeid moge strekken om velen het Lied der Liederen meer te doen waardeeren, ea inzonderheid om de liefde aan te wakkeren tot Hem, die meer dan Salomo is".
2. DS. J. L. JASPERS, V. d. m. te LEKKER KERK. MAAKT U VRIENDEN UIT DEN ONRECHT-VAARDIGEN MAMMON. Leerrede over Lucas 16 : I—12. Uitgegeven ten voordeele der op te richten Christelijke School te L'ekkerketk. Prijs 25 cent. Gouda — J. H. Bos, 1909. Wat een geluk, dat er ook onder de jongere generatie van predikanten — van verbi divini ministri, zou mijn vriend JASPERS zeggen, — onzer ketk menschen zijn, wier vernuft u doet denken aan vonkelend parelenden wijn, ósk in hun preeken. Oaze GISPEN wiens prediking mij zoo superieur was omdjt zij mij ook daaraan deed denken, is van ons heengegaan; onze van ANDEL, wiea het charisma van het petillante niet minder rijkelijk is toebedeeld, preekt niet meer, en zal eens, — moge dat eens nog maar '»»g uitblijven! — ook niet meer schrijven; ODüe . . ., maar ik wil, om voor mij goede tedenen, uit de nog „dienst-doenden" — zoo neet dat immers, - - liever geen namen noemen; onze die en die, welke ik op het oog heb, zijn •oeest juist mannen van de oudere generatie.
Smaken verschillea en er zijn oader ons kerkeilijk publiek, die onder een prediking, waarbij het oog hunner ziel niet het minste gevaar loopt **n sterk geprikkeld te worden door een sprank van opschietend vernuft; bij een prediker, wiens onmiskenbare gave der langdradigheid het voorbed biedt, dat men den draad zijner rede telkens eens kan laten glippen om haar straks gemakkelijk weer te vinden — bepaald „smullen".
Maar mijn smaak is dat nu niet.
Daarom acht ik het 'n geluk, dat het genre "? t petillante predikers met de oude generatie oiet zal verdwijnen.
En daarom vestig ik dan ook de aandacht op het stukje kanselarbeid van den jeugdigen prediker van LEKKERKERK.
In dit preekje zit belofte voor de toekomst. Bij de lezing werd ik herinnerd aan de manier van preeken van wijlen mijn onvergetelijken vriend GISPEN.
Geen namaak, maar in den zelfden geest, omdat er in dezen jongen man blijkbaar iets van den geest zit, die ook in GISPEN was.
Men koope en leze. Wis het koopt en daartoe het kwartje direct aan Ds. J. L. JASPERS, V. d. m. te LEKKERKERK, zendt, helpt een steentje aandragen voor de Christelijke school aldaar, die in het zeer moderne LEKKERKERK komen moet.
Op het adres is misschien Ds. J. L. JASPERS te Lekkerkerk al voldoende en kan hetv. d. m. er wel af. Dat toch beware men, als allehooge titels, liever voor buitengewone gelegenheden.
3. DE GIDS. CHRISTELIJKE SCHEURKALENDER voor i9ro. Scheveningsche Boekhandel — SCHEVENINGEN.
Dit is no. 4 van de Christelijke Scheurkalenders, die ons zijn toegezonden.
Deze periodieken kan men, vooral tegen het einde des jaars, niet laten liggen.
Daarom vestig ik er nu maar terstond de aandacht op. Het schild is sober, met de beeltenissen van Prins Willem I en van Prinses Juliana in haar wiegje. Bij de teksten verklaringen van de Hervormers en andere Geref. Theologen. Al weer iets nieuws en dat nog zoo slecht niet is. Aan de achterzijde zeer rijke lectuur op het gebied van kerk-en landhistorie, schriftverklaring enz.
Een serieus stuk werk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 5 december 1909
De Heraut | 4 Pagina's