Het jaarverslag van de
Het jaarverslag van de Vereenigpng voor Hooger Onderwijs, dat dezer 'dagen aan de leden en begunstigers werd toegezonden, geeft zeker in menig opzicht stof tot dank.
Al was het afgeloopen jaar, gelijk Directeuren opmerken, een „stil jaar", het was toch een jaar van grooten zegen, omdat èn de Vereeniging èn de School, die van haar uitgaat, ongestoord konden voortwerken aan haar arbeid, en niet een der Directeuren, Curatoren of Hoogleeraren door den dood ons ontnomen of door krankheid verhinderd werd zijn taak te vervullen.
Met bl^dschap zal voorts vernomen worden, dat Directeuren met ernst op een zoo spoedig mogelijke uitbreiding der Medische faculteit bedacht zijn en ook wenschen over te gaan tot stichting eener Natuurkundige faculteit. Moge daarbij versterking der andere Faculteiten intusschen niet uit het oog verloren worden. De Theologische faculteit, die door het sterven van Prof. Biesterveld en door het emeritaat van Prof. Rutgers, zulke ernstige verliezen leed, behoeft wel in de eerste plaats dringend aanvulling. Maar ook de Juridische faculteit moet worden uitgebreid, opdat ze het doctoraat in de Staatswetenschap kunne verleenen. En de Literarische faculteit vraagt evenzeer om vermeerdering van het aantal harer hoogleeraren, al was 't alleen maar, opdat de geschiedenis van ons vaderland aan onze Hoogeschool onderwezen worde.
Zal zulk een uitbreiding van de Universiteit mogelijk wezen, dan dient echter in de eerste plaats gezorgd te worden voor versterking van hare finantiën. Het budget sluit ook dit jaar met een tekort van / n()\.óf6\ en dat dit tekort niet veel hooger is, ligt alleen daaraan, dat de bestaande vacature in de Theologische faculteit nog niet is vervuld. Anders zou bet nadeelig saldo meer dan / 8000 hebben bedragen.
In hoofdzaak is dit tekort daaraan te wijten, dat de contribution de laatste jaren regelmatig achteruit zijn gegaan. Er heeft met het v^f-en-twintig-jarig jubileum aan de Vrije Universiteit een krachtige actie plaats gevonden, waardoor het aantal contributien van / 23568, 39 in 1904 tot f 2707^, ^7 in 1907 steeg; maar na dien tijd verflauwde blijkbaar de ^ver en daalde het c^fer regelmatig, In 1908 bedroeg het ƒ26652, 89; in 1909 ƒ 25487, 99; in 1910 ƒ 25364, 561/2; zoodat de inkomsten in drie jaar trjds met ongeveer / 1700 z^n achteruitgegaan. Nu staat daar ongetwijfeld tegenover, dat de contributies voor de medische faculteit, die afzonderl^'k beheerd worden, thans een bedrag aanwijzen van / 3557, 35 zoodat de totaalsom der contribution komt op / 28922, 11, maar wanneer de medische faculteit wordt uitgebreid door benoeming van nieuwe hoogleeraren, zal ook op deze post eenbelangrijk tekort ontstaan, waarvoor de Generale kas der Vereeniging zal moeten worden aangesproken.
Gelukkig valt, wat de collecten der Gereformeerde Kerken betreft, een voortdurende stijging te constateeren. In 1905 bedroegen de collecten fl. 13 741.96; in 1910 fi. 14608.16; dus een vermeerdering in vijf jaar van ongeveer fi. 1000 Maar hoe dankbaar dit feit ook stemmen moge, men vergete niet, dat deze toename in hoofdzaak daaraan te danken is, dat de kleinere kerken trouwer collecteeren. In de grootere kerken daarentegen nemen de collecten regelmatig af. Amsterdam gaf in 1907 fl 521; in 1908 fl 698; in 1910 fl. 462; Overtoom, dat in 1907 fl. 152 collecteerde, gaf in i9iofl. 103 Utrecht daalde van fl. 481, 84 in 1907 op fl 279, 69 in 1910. Arnhem van fl 82.79 in 1908 op fl 26, 91 in 1910. Leiden van fl. 121, 471/2 in 1907 op fl, 56.60 in 1910 Nu kan dit verschil ten deele daaraan liggen, dat de collecten niet overal op tijd zij o afgedragen, maar waar het verschijnsel zich bij schier alle grootere Eerken voordoet, wijst dit toch op een achteruitgang, die te betreuren is.
Omtrent hetgeen Ds. C. L. D. van Coc vorden Adrian! in zgn testament tot steun van de Vrije Universiteit beschikt heeft, brengt het verslag geen nadere mededee lingen, omdat naar den wensch van den overledene niet anders dan met stillen dank hiervan gewaagd mag worden. Het zou ook ons daarom niet voegen, hieromtrent in bet publiek nadere mededeelingen te doen Maar al zou het bedrag, dat uit deze stichting de Vrije Universiteitjaarlqks ten goede komt, metterdaad een belangrijke aanwinst b'.gken, dan mag toch nooit vergeten, dal d: stichting van een natuurkundige facul teit alleen reeds zoo hooge kosten met zich zou meebrengen, dat deze nieuwe bron van inkomsten reeds daarvoor niet voldoende zou wezen. Voor de noodzakelijke uitbrei ding van de Universiteit moge deze testa rnantaire beschikking een welkome bgdrage bïeden, maar vermeerdering van de contributiën blijft daarom niet minder noodzake lijk. En niemand zegge, dat dit niet kan of dat het uiterste reeds bereikt is. Vooi de Zending brengen onze Gereformeerde Kerken jaarlijks meer dan een ton bijeen, d e in hoofdzaak door de collecten verkre gen wordt. Waarom zou dan eenzelfdc bedrag ook niet kunnen opgebracht worden vjor onze Gereformeerde Universiteit?
Wat de stichting van een nieuw gebouw betreft, waarvan de noodzakel^kheid voora! door Prof. Woltjer op de jaarvergadering te Arnhem met kracht bepleit is, deelen Directeuren mede, dat van de / 50.000 noodig om den bouw te beginnen, thans ƒ29.465.291/a aanwezig is. Iets meer dus din de helft, maar zeker niet genoeg.
Ten slotte zij uit het verslag nog medegedeeld, wat Directeuren opmerken ovei bït toelaten tot de Vrije Universiteit van studenten, die onze beginselen niet zgc toegedaan. Ze schrgven dienaangaande:
De deuren van de collegezalen in onze unl versiteit staan voor allen open, vanwaar zij ook kernen en wat zij ook zijn; ook al zijn zijniet mst ons van gelijk inzicht en gaan zij uit van acdere beginselen dan wij.
Of zij straks de graden zullen kunnen ver w.rven, welke onze hoogeschool verleent, is een andere kwestie, welke deze hier 'aange roarde zelfs niet raakt.
Natuurlijk is het onze wensch, dat allen er zuilen komen om de beginselen lief te hebben, v.ia welke wij uitgaan; en dienovereenkomstig eenen werkkring zullen zoeken en vinden, welke met die beginselen in overeenstemming is.
Maar wij eischen dat niet te voren; en dus kan het verschijnsel zich voordoen — van den aanvang af is met die mogelijkheid gerekend dat wie aan onze universiteit de colleges volgde, straks heengaat om leeraar te zijn aan eene school, welke niet op den grondslag staat waarop wij staan; of om voorganger te zijn en te arbeiden in een kring, welks grondslagen ge heel verschillen van die der Gereformeerde kerken.
Dat zal ons dan leed kunnen doen, doch geene aanleiding zijn om de tot dusver gevolgde gedragslijn te wijzigen.
Aan allen, die zich aanmelden en voorts aan den regel der universiteit zich conformeeren, gelegenheid te geven de lessen der hoogleeraren te volgen, behoort tot het doel, dat van meet af ons voor oogen stond.
Hoe meer ook in dat opzicht onze school aan dit doel mag beantwoorden, in de hoop dat ook daardoor nog die afwijken, zich bij ons voegen, hoe liever ons dat zijn zal.
We zijn dankbaar, dat Directeuren ook op dit punt toonen, zoo beslist en kloek het standpunt van de Vr^e Universiteit te willen handhaven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 2 juli 1911
De Heraut | 4 Pagina's