GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

Bladeren
+ Meer informatie

Uit de Pers.

7 minuten leestijd

In de Amsterdamsche Kerkbode komt een artikel voor onder den titel: De Openbare School, dat we hier een plaats geven:

Na de Grondwetsherziening van 1848 werd langzamerhand bij velen het besef levendig, dat eer.e nadere regeling van de Wet op het Lager Onderwijs noodzakelijk was. Terecht gevoelde men de behoefte aan deugdelijk onderwijs, waardoor de algemeece ontwikkeling van het volk zou toenemen.

Velen verwachtten zelfs, dat de school in staat zou zijn, niet alleen onkunde en achterlijkheid te verbannen, maar dat zij door haren invloed eene algemeene verbetering der zeden zou te weeg brengen.

Waar scholen gebouwd werden, zou men de gevangenissen kunnen afbreken.

En bovendien moest de school de onverdraagzaamheid bestrijden.

Er waren in Nederland Protestanten, Roomsch-Katholléken, Joden.

Op vele scholen werd nog gebeden en in den Bijbel gelezen; in andere hing nog een kruis aan den wand: welnu, dat was verkeeid.

Dat werkte de onverdraagzaamheid in de hand. En daarom : geen godsdienst meer in de school 1 Wèl allerlei nuttige kundigheden.

Wèl maatschappelijke en... christelijke deugden. Maar dat christtlijke moest dan zóó wezen, dat het niemand aanstoot gaf; zelfs den lood niet.

Dat moest een Christendom zijn boven geloofsverdeeldheid.

Al het kenmerkende moest er uit weg! Geen Bijbel, geen gebed, geen catechismus meer! Dan was er in die school plaats voor ieder. Voor den Protestant, voor den Roomsche, voor den Jood, voor den ongeloovige zelfs.

Daar was plaats voor den warmsten vaderlander en voor hen bij wie de liefde voor het vaderland volkomen afgestorven was.

Allen, van wat godsdienstige of politieke kleur ook, zouden zich daar op bun gemak gevoelen. Het onderwijs, volgens dit beginsel gegeven, zou niet alleen de onkunde en bekroropenbeid doen verdwijnen, maar het opkomend geslacht zou ook opgevoed worden tot de schoonste verdraagzaamheid en eendracht.

Daarom moest de openbare school neutraal viya. En geen kosten zouden aan die school gespaard worden!

Dat behoefde immers niet.

De schatkist van den Staat zou voor haar geopend worden; uit de Gemeentekas zou het ontbrekende met milde hand worden bijgepast.

De belastingbetalers waren er immers om de kassen aan te vullen.

Allen zouden er aan betalen.

En zoo is men aan het werk gegaan.

In 1857 is de neutrale school gekomen, schoon een groot deel van ons volk van die neutraliteit niet gediend was.

Die dwazen moesten dan maar hun eigen scholen stichten; zij hadden er de vrijheid toe, mits ze er voor in hun eigen beurs tastten.

En, toen de neutrale school naar den zin barer bewonderaars nog niet snel genoeg doorwerkte, moest een nieuwe schoolwet komen.

Dat geschiedde in 1878

Die wet moest de openbare school er geheel bovenop helpen en de bijzondere vernietigen.

Als er dan waren, die geen neutraal onderwijs voor hun kroost hegeerden, moesten zij maar gedwongen worden, sóe minderheden moesten dan maar onderdrukt worden!«

Een storm van verontwaardiging stak in het gansche land op bij hen, die christelijk onderwijs voor hun kroost begeerden.

Van protestantsche zoowel als van roomsche zijde maakte men zich op oin eene reuzen-petitie op touw te zetten, ten einde die heillooze wet te weren. Want men vreesde, dat, als zij bekrachtigd werd, dit de ondergang van het bijzonder onderwijs zou zijn.

Dan toch zouden de bezwaren, aan het oprichten van bijzondere scholen verbonden, zoo groot worden, dat het in het vervolg bijna onmogelijk zou zijn nieuwe scholea te stichten.

De lasten om ze te onderhouden, toch reeds schier niet te dragen, zouden dan zoo drukkend worden, dat men de vrije scholen op vele plaatsen zou moeten sluiten. Die actie gaf aanleiding tot het Volkspetitionnement.

Den i7en Augustus werd dit op Het Loo aan den Koning overhandigd, die het in ontvangst nam met de betuiging dat de bezwaren tegen de wet geopperd, in overweging zouden genomen worden. Het protest van 300C00 Protestanten en 160000 Roomsch-Katholieken mocht niet baten; deSchooIwet-Kappeijne kwam in het Staatsblad.

En zoo groeide en bloeide de neutrale school. Zoo werd ons land overdekt met prachtige, ruime scholen, waarin bekwame onderwijzers neutraal onderwijs gaven.

En thans wordt in ons gansche vaderland voldoend openbaar onderwijs gegeven.

Zelfs waar men er niet van gediend was, is het met kunst-en vliegwerk in stand gehouden. In die scholen wordt de jeugd onderwezen in alle nuttige kundigheden en in alle maatschappelijke en christelijke deugden; maar de Godsdienst, maar het ware Christendom blijft er buiten.

Daar wordt onderwijs gegeven in het lezen. En de boeken, er gebruikt, munten uit door vorm en inhoud, 't Is een lust er een blik in te slaan; de bekwaamste paedagogen hebben ze geschreven in den juisten kindertoon en de talrijke, schoone illustraties maken ze nog aantrekkelijker. Maar, wat er in gemist wordt, is de geest van het Christendom.

Geen gebed vóór den maaltijd; geen neerknielen aan moeders schoot vóór men zich ter ruste begeeft, om op kinderlijke wijze 's Heeren bewaring voor den nacht in te roepen; geene heiliging van den rustdag, die gewoonlijk nog slechts als een dag van uitspanning vermeld wordt.

De kinderen, waarvan men in die boekjes leest, gaan op Zondag naar het bosch of naar den theetuin en ontmoeten dan soms nog wel menschen in hun Zoodagspak, die naar de kerk gaan.

Daar wordt onderwezen geschiedenis des vaderlands; maar van Gods vinger in de historie moet. gezwegen.

De tijd is zelfs niet verre meer, dat over Neerlands groot verleden niet meer gesproken mag worden; want, ... de tifden gaan vooruit: het begrip vaderlandsliefde begint verouderd te heeten. Straks zal het spreken over de heldendaden van het voorgeslacht als gevaarlijk voor den gang der beschaving moeten geweerd worden.

Leger en vloot worden dan als overblijfselen uit barbaarsche oudheid beschouwd.

Daar wordt onderwezen kennis der natuur.

Men leert er het kind het schoone en lieflijke en grootsche in de natuur bewonderen. Maar men spreekt er niet van den Schepper, wiens almacht en wijsheid in de natuur zoo uitblinken. Men brengt het kind tot bewondering van de natuur, maar niet tot aanbidding van den Schepper.

Daarover moet in de openbare school gezwegen worden om het gevaar van andersdenkenden niet te kwetsen. Zoo heeft men daar gewerkt in de laatste veertig jaren.

En welke vruchten heeft dat opgeleverd? Dat er in Nederland een geslacht is opgestaan, dat vervrenmd is van God en zijn Woord; een geslacht, dat slechts oog heeft voor het stoffelijke. Eene vrucht der openbare school is, dat er in Nederland honderdduizenden zijn, die met allen Godsdienst gebroken hebben en die er openlijk voor uitkomen: iiWij gelooven niets meertr.

Eene vrucht der openbare school is, dat een groot deel van ons volk zijn geluk zoekt uitsluitend in de dingen dezer wereld, en daarom worstelt met alle macht, ten einde daar zooveel mogelijk van te verkrijgen; duizenden, die geheel opgaan in den klassestrijd, waardoor zij er ook etas boven op hopen te komen om dan te kunnen plukken met beide handen van de schatten, die de wereld biedt en die thans in 't bezit van slechts enkelen zijn.

Een vrucht der openbare school is, dat de eerbied voor de ouders in 't gezin, voor de overheid in den Staat verdwijnt; want waar God, de oorsprong van het gezag, vergeten wordt, moet alle gezag wankelen.

Van dat alles draagt het centraal onderwijs voor een groot deel de schuld.

En dat zijn de vruchten — niet van opzettelijk materialistisch onderwijs, maar van het steeds en immer zwijgen over de hooge belangen en de hoogste bestemming van den mensch.

De zichtbare, stoffelijke wereld, die het kind zoo nabij is, ja van alle zijden omringt, wordt eenzijdig en los van alle hoogere levensbeschouwing op de aanlokkelijkste wijze aan de jeugd voorgesteld en tentoongesteld; en van die andere wereld, die onzichtbaar is, maar niet minder werkelijk bestaat, wordt zorgvuldig gezwegen.

Zoo wordt de geest van het kind misvormd. Het stoffelijke krijgt de eenige plaats In zijne gedachtenwereld; de zin voor het geestelijke kwijnt, en komt in gevaar geheel te versterven.

Dat is het gevaar van de neutrale school.

Aan dat gevaar stellen hun kinderen bloot allen, die ze naar die school zenden.

Dat gevaar werken in de hand allen, die partij kiezen voor de neutrale school of zich onzijdig houden in den grooten strijd die reeds eene halve eeuw geduurd heeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 17 augustus 1913

De Heraut | 2 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van zondag 17 augustus 1913

De Heraut | 2 Pagina's

Bladeren