Buitenland.
Engeland. Modernisme indeEpiscopaalsche Kerk. Uit de Synode der Presbyteriaansche Kerk.
In de Episcopaalsche Kerk is veel beroering ontstaan door de verklaring van sommige „geavanceerde" predikanten, die gezegd hebben, dat zij bij de Godsdienstoefeningen wel de Geloofsbelijdenis uitspreken, doch die óf niet gelooven óf haar met reservatio mentalis uitspreken, d.i. haar anders bedoelend dan de woorden te kennen geven. Deze zaak is nu eene brandende quaestie geworden in de Episcopaalsche Kerk. De Church Times., een Ritualistisch orgaan, is van oordeel dat het met de eerste beginselen van eerlijkheid in strijd is, als men iets uitspreekt en iets anders bedoelt. Maar zou de Engelsche Staatskerk de kracht hebben om de modernisten uit haar midden weg te doen? Wij betwijfelen dit.
In het begin van Mei hield de Presbyteriaansche Kerk te Londen hare Synode. Op deze vergadering werd geklaagd over gemis aan belangstelling in > Home mission". Met dien naam wordt niet bedoeld datgene, wat wij »Inwendige zending" noemen. De arbeid wordt daardoor aangeduid dien elke Kerk behoort ter hand te nemen om nieuwe leden voor zijn kerkgemeenschap aan te werven. Op de Synode werd er op gewezen, dat in de laatste jaren aan »Home mission* niet gedaan werd. In de laatste jaren heeft de kerk geen nieuwen grond ontgonnen, noch eenig terrein in den naam van Christus opgeëischt... Wij komen snel tot het punt, waarbij •wij zullen ophouden ons deel te dragen van de verantwoordelijkheid op de volksmassas*, zoo liet een predikant zich hooren.
> Dit is zeker een treurige toestand. Maar niet de Presbyteriaansche Kerk alleen heeft daarover te klagen. Tegelijk met het beginnen van nieuwe takken van arbeid, is er een gestadige achteruitgang in het werk dat reeds lang geleden begonnen werd. Al is het waar, dat sommige kerkelijke lichamen nieuwen grond gingen ontginnen, toch is daarbij te treuren over oud terrein dat verloren werd. Hoe dikwijls hoort men van mannen en vrouwen — ja van geheele families — die de zaak van Christus den rug hebben gekeerd! De Kerken zouden wel doen te onderzoeken, wat de wortel-oorzaak is van dezen droeven staat van zaken", zoo laat The Christian., een Methodistisch orgaan, zich hooren. En niet het minst in Methodistische kringen bemerkt men, dat velen zich van de Kerk afkeeren.
Noord-Amerika. Strijd tegen het Mormonisme.
De strijd tegen het Mormonisme wordt in de nieuwe wereld met kracht voortgezet.
Op den 23en April 1.1. werd eene Anti-Mormon-vergadering gehouden in Carnegie Hall, New York. Als sprekers traden op de Eerw. Dr. Coyle, van Denver, Colo., Dr. James S. Martin, Superintendent van de National Reform Association, en Frank J. Cannon, van Utah. Allen mannen, die op de hoogte zijn van de Mormonkwestie, en die weten waarvan zij spreken.
Dr. Josiah Strong was voorzitter van de merkwaardige vergadering. Hij beweerde, dat de Mormoonsche organisatie is een »groote en groeiende politieke macht, verscholen onder een dunnen dekmantel van godsdienst." De voorzitter maakte bekend aan de vergaderden, dat het doel der samenkomst was, te overwegen jde trouweloosheid der Mormonen, in het verbreken van de heiHge beloften, afgelegd, toen zij als een Staat werden toegelaten tot de Unie der Vereenigde Staten, nl. dat zij zich zouden onthouden van de veelwijverij en van zich te bemoeien met de tijdelijke belangen van den Staat."
De spreker beweerde met klem, dat Joseph F. Smith en zijne volgelingen de beloften die zij gedaan hadden, verbraken.
Aan het slot der vergadering werden de volgende besluiten eenparig en met geestdrift aangenomen. Alleen enkele Mormonen, die aanwezig waren, verklaarden zich tegen.
1. Aan den Burgemeester van de stad New-York werd het volgende gericht:
«Aangezien de Mormoonsche Kerk leert, dat de veelwijverij uit God is, en haar profeet en hare priesters de onwettige en onchristelijke veelwijverij uitoefenen;
aangezien de Mormoonsche Kerk eene uitgebreide zending gevestigd heeft in deze stad New-York, waardoor haar ouderlingen zoeken hun geloof in de veelwijverij te verbreiden;
en dewijl de nieuwsbladen vermelden, dat de Mormonenprofeet plannen maakt om alhier een tabernakel te bouwen;
zoo protesteeren wij, burgers van New-York, in staatkundige bijeenkomst vergaderd, bij den Burgemeester van deze stad tegen alle vergaderingen op de straten onzer stad door de ouderlingen der Mormoonsche Kerk gehouden, om hunne leerstellingen te verkondigen, en tegen het geven van verlot om een Mormoonschen tabernakel te bouwen binnen de grenzen van deze staats.
2. Aan den President der Vereenigde Staten werd het volgende gericht:
»Dewijl de leersteliïngen der Mormoonsche Kerk leeren, dat de profeet der Mormoonsche^ Kerk het opperste gezag heeft in de tijdelijke; en in de geesteUjke belangen der menschen;
en dewijl, onder zulke leer en praktijk, de Mormoonsche Kerk een gevestigd koninkrijk geworden is in deze repubUek, haar gezag uit-oefjsnende in de burgerlijke zaken;
daarom: wij, burgers der Vereenigde Staten hier vergaderd, verzoeken Uwe Excellentie beleefdeUjk geen persoon tot eenig federaal ambt te benoemen, die zijne hoogste trouw verschuK digd is aan de Mormoonsche Kerk".
3. Aan den Senaat en het Congres richtte men het volgende:
»Dewijl de wetten der Vereenigde Staten om veelwijverij en samenwoning door de Mornoonsche priesters te straffen en te voorkomen, niej; langer van kracht zijn sedert de toelating van Mormoonsche Territoren als Staten der Unie;
en, dewijl de Mormoonsche profeet, en vele zijner priesters, veelwijverij in praktijk brengen in weerwil van en verachtende de plaatselijke wetten der Staten, waarin zij woonachtig zijn; hunne misdaden ongestraft blijvende door hunnen politieken invloed;
daarom is door ons, burgers der Vereenigde Staten, besloten eerbiedig ons Congres aan te sporen om spoedig het voorgestelde amendement der Constitutie aan te nemen, waardoor veelwijverij en samenwonen voor altijd zullen verboden zijn in de Vereenigde Staten en alle onze landpalen".
Na afloop der vergadering beschuldigden sommige Mormonen senator Cannon van vereerde voorstelUng door te zeggen, dat de ormonen nog veelwijverij leeren en beoefenen. e senator echter stopte hun den mond door oor te lezen uit verschillende Mormoonsche oeken, dat het door de' Mormoonsche leiders og steeds als een heilige roeping wordt vooresteld, meer dan ééne vrouw te hebben. Hij oonde ook aan, dat deze boeken nog steeds oor de Zendelingen der Mormonen onder het olk van New-York verkocht en verspreid orden. Zij moeten ook erkennen, dat hun rofeet, Joseph. F. Smith, nog steeds met vijf rouwen leeft.
Het werd ook op deze vergadering uitgesproen, dat men de Mormonen niet om hun godsienstige opvatting wilde vervolgen, of de itoefening van hun religie wilde verbieden, aar dat het er enkel om te doen is, de veelijverij uit te roeien, welke in strijd is met de et Gods en de wet van het land.
De invloed van den Mormoonschen profeet is eeds zoo groot, dat hij over een millioen temmen beschikt. Indien hij in nog twee Staten e overmacht krijgen kan, zal het onmogelijk ijn de constitutie zóó te wijzigen, dat aan het rijven der Mormonen paal en perk gesteld wordt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 21 juni 1914
De Heraut | 4 Pagina's