Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De bedestond,

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De bedestond,

8 minuten leestijd

Amsterdam, 23. October 1914.

De bedestond, dié door de goede zorg van ons lokaal comité Maandagavond voor de Vrije Universiteit werd gehouden, was ditma.al . gelukkig beter bezocht dan wel in de laatste jaren het geval was geweest. Het scheen, alsof de ernst der tijden, waarin we leven, ook dieper de behoefte had 'dpen gevoelen om voor onze Hoogeschool het aangezicht des Heeren te zoeken. Ook de goede verwachting, "die men aangaande den spreker had, werd niet teleurgesteld. In een keurig gestyleerde en bezielende rede, die met groote aandacht gevolgd werd, stelde Ds. F. C. Meyster als inleidend woord tot het gebed het hoog belang van onze Christelijke Hoogesehool in het licht naar aanleiding van de woorden van den Apostel Paulus in den brief aan de Colossensen 1 : 17: Alle dingen bestaan te' zamen door Hem«, ^n.l. door Christus. De spreker wees er op, hoe de Apostel in dézen brief den strijd aanbond tegen een gnostieke secte van die dagen, die dualistisch God en wereld scheidde en als twee vijandige, machten tegenover elkander stelde. Daarmede deed ze te kort aan de waardigheid van Gods Zoon, die niet alleen het Hoofd der gemeente, maar ook de Scheppingsmiddelaar is, die alle dingen schiep, in stand houdt en hun samenhang geeft, zoodat deze wereld Christus niet verduistert gelijk bedoelde Gnostieken beweerden, maar Zijn glorie veeleer uit alles ons tegenstraalt.. Zco lag in dit woord van den Apostel de diepste bestaansgrond, de harmonische samenhang en de grootsclie roeping der Christelijke wetenschap ons gegeven, gelijk de spreker op uitnemende wijze uiteenzette, om daarna in een vurig gebed de belangen van de Hoogeschool, waar deze wetenschap bij het licht van Gods Woord beoefend wordt, aan God den Heere op te dragen.

Ook bij de overdracht van het Rectoraat, dat Dinsdag in het gebouw van den Werkenden Stand plaats vond, was de belang.< !telling zeer-groot. Een talrijke menigte was opgekomen, waaronder o. a. werden opgemerkt de Burgemeester van Amsterdam, de Generaal-Majoor, commandant der stelling" - Amsterdam en de Rector Magnificus der Stedelijke Universiteit. De aftredende Rector, Prof. Diepenhorst, hield een rede uver Oorlog en Vtede, waarbij hij zich ten doel stelde enkele beschouwingen te wijden aan de vraag, welke houding ons tegenover het pacificistische streven onzer dagen betaamt. Hét korte persverslag van deze rede, die reeds met bekwamen spoed in druk verschenen is, geven we hier weer:

Eerst gaf hij daartoe een uitvoerige schets van de otitwikkeHng der vredesbeweging, deed zien hoe de richting, waarin het mystieke element ovérheerschend was, allengs werd verdrongen door het z.g.ii. rationeele of wetenschappelijk pacifisme, dat zijn scherpste afronding vond bij Nor m a n A n g e 11, den schrijver van 't vermaarde boek de Groote lUusie. Van de zedelijke bewerking der harten wordt door deze strooming geen heil verwacht. Het economisch inzicht moet worden verhelderd en aan vorsten en volken •duidelijk gemaakt, dat hun eigenbelang gebiedt hét zwaard in de scheede te steken. Niet de lessen der ethiek, maar de wetten der economie eischen den vrede.

Daarna stond den spreker stil bij hen, die het pacifisme principieel bestrijden, meenen dat de eeuwige vrede niet slechts onmogelijk, maar zelfs ongewenscht is; die hoog roemen in de zegenrijke werking van den krijg. Aan de geschriften van Von Stengel, Lasso n. Van Boguslaws ki, Constantin, werd daarbij aandacht geschonken. Uitvoerig werd met name stilgestaan bij de apologie van den oorlog door Prof. S t e i n m e t z, die den krijg prijst als het werkzaamste middel om door groepselectie de sociale deugden te bevorderen.

De spreker wees er op, hoe het Christelijk beginsel deze evolutionistische beschouwing veroordeelt en dat, hoezeer ook in den.oorlog sommige dingen zijn te roemen, toch naar beperking van den oorlosgruwel met kracht moet worden gestreefd.

Dat de oorlog door den natuurlijken loop der dingen vanzelf zou uitslijten, werd betwist. De wassende macht van het internationaal socialisme beduidt hier geen factor ten goede. Nog daargelaten dat de revisionistische afdwaling van M a u r e n-brecher. Max. Schippe 1 en anderen, die openlijk den krijg als middel voor goede staatsontwikkeling aanprijzen, veel ingang vindt, gaat ook van de zuivere Mar.xistische leer geen remmende kracht uit. De klassestrijdsleer, die het uitoefenen van geweld eene normale functie acht, en het historisch materiaUsme, dat de normatieve macht der zedewet loochent, staan hiertoe in den weg.

, Evenmin zal de oorlog worden opgeheven door hét toenemend internaüonaal verkeer. In den breede wordt die wordende wereldcultuur in al haar vertakkingen geschilderd. Evenwel wordt daarbij de aandacht gevestigd op het feit, dat daardoor wel punten van aanraking worden bijgebracht, maar ook evenzeer oorzaken van wrijving en twist vermeerderd. Die toenemende intertiationale aanraking komt goeddeels slechts aan de oppervlakte, legt geen beslag op de zielen en kan de werking van de nationale idee niet verstoren.

Voor een goede ontwikkeling der vredesactie stelde Prof. Diepenhorst daarom op den voorgrond, dat zij zich van de mogelijkheid van een komenden krijg immer helder bewust zou zijn, de kracht der liationale idee zou kennen, waardeeren en leiden.

De wereldvrede zal in deze bedeeling niet komen — met voorbeelden uit de pacifistische beweging zelve toonde spreker dit aan. Daar is niet zelden een schrijnende tegenstelling tusschen het vredelievende woord en de oorlogszuchtige daad van zoovelen, welke in de vredesbeweging vooraanstaande positie innemen.

Hij herinnerde daarbij aan uitingen van den JFranschen pacifist C o n-stant en den Italiaan M one la. Ook ligt in menig vernuftig pacifistisch plan de brandstof voor een nieuwen krijg besloten. Zoo in de internationale politiemacht van Prof. van V o 1-1 e n h o v e n, in • het plan van een grooten statenbond, ook in de arbitrale uitspraken die nu reéds'een scherpe kritiek van Hans W e h-bergen Jozef Kohier uitlokten.

Hieruit vloeit mede vQort, dat het besef moet worden verlevendigd, dat voor richtige ontwikkeling van het economisch leven trouwe zorg voor de landsverdediging een onmisbare voorwaarde is. Een krachtige defensie-politiek is voor een bloeiend economisch bestaan geen bedreiging, maar een stut. Al blijft voor sommige rijken de klacht van schadelijke opdrijving der militaire lasten gegrond, voor Nederland mist zij récht van bestaan.

De vredesbeweging heeft zich te hoeden voor alle kosmopolitisme, moet beseffen dat in een gezond nationaliteitsgevoel rijke productieve kracht schuilt.

Ook snijde ze-dan een dorre materialistische beschouwing den weg af. De vrede is niet het hoogste goed en dé oorlog mag niet als het ergste kwaad worden gebrandmerkt. Oorlog en vrede behooren beide in dienst van het recht te worden gesteld; de oorlog moet in plaats van een vijandelijkgezinden ^roeder worden een bescheiden dienaar van den vrede.

Al kan zoo een krijg, ook een offensieve krijg, plicht zijn, niettemin zal een oordeel gaan over degenen, die Uchtvaardig den oorlogsfakkel zwaaien. Aan de vredesactie mag warme belangstelling niet worden onthouden, maar in eene vredesbeweging, geïnspireerd door beginselen als Norman Angell vertolkte, is voor christenen geen plaats. Die actie bedreigt veeleer den vrede en draagt brandstof voor den krijg aan Het cynische „wat is er met den oorlog te verdienen? " maakt zij tot richtsnoer van handelen

Deze vredesbeweging richt zich niet tegen de giftige stelling, dié het belang verklaart tot allesbeheerschend 'principe. Ook zij aanvaardt het belang als de nortóatieve macht; ze snijdt den kanker alzoo niet uit, maar draagt nieuwe smetstof aan.

Voor den vrede moet worden geworsteld, maar met onvruchtbaarheid zal zijn geslagen alle pogen indien de nioreele zending wordt verzuimd, indien wordt vergeten, dat zielen moeten worden gewonnen, die buigen voor recht en gerechtigheid.

Na een korte vermelding van de fata Academica en de gebruikelijke toespraken besloot Prof. Diepenhorst zijn rede met het rectoraat over te dragen aan Prof. Dr. C. van Gelderen, met de bede, dat aan het einde van diens rectoraat de vrede in Europa hersteld, ons land, en volk gespaard en de Vrije Universiteit nog in volle levenskracht mocht gevoiiden worden.

Op den inhoud dezer rede zal later uitvoeriger worden teruggekomen, maar nu' reeds mag geconstateerd, dat Prof. Diepenhorst èn in de keuze van zijn onderwerp èn in de behandeling daarvan zeer gelukkig is geslaagd. Er was moeilijk een onderwerp te bedenken, dat actueeïer was en van meet af de belangstelling der hoorders meer pakken kon dan dit. En ook de behandeling van het onderwerp, historisch rijk gedocumenteerd, nu en dan met lichte scherts gekruid en toch, wat den grondtoon betreft, diep ernstig, hield de aandacht van het begin tot het einde gespannen. Zoo heeft de Vrije Universiteit ook nu weer getoond, hoe ze niet in de behandeling van abstrakt-wetenschappelijke vraagstukken haar kracht zoekt, maar het licht van Gods ^yoord wil verspreiden over de belangrijke problemen van den dag, die aller hoofd en hart in spanning houden.

Laat ons ten slotte uit de fata academica nog mogen meedeelen, dat voor den nieuwen cursus werden ingeschreven 15 studenten in de Theologie, 3 voor de Rechten, 2 voor de Letteren, 2 voor de medische faculteit en 1 voor de wis-en natuurkundige faculteit, te samen dus 23 studenten. Onbevredigend is dit getal niet; alleen het aantal der juridische studenten is dit jaar geringer dan in vorige jaren, maar hierbij moet bedacht worden, dat demobilisatie vermoedelijk oorzaak is, dat meer dan een, die anders met den nieuwen cursus zijn juridische studiën zou begonnen zijn, dit thans nog uitstelde. Maar ook al houdt men met dezen factor rekening, dan blijft toch het getal onzer juristen, die aan de Vrije Universiteit komen studeeren, bedroevend klein, vergeleken bij dat der Rijksuniversiteiten, en toont het, dat menig Christenouder in dit opzicht zijn roeping zich zeker nog niet genoegzaam bewust is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 oktober 1914

De Heraut | 4 Pagina's

De bedestond,

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 oktober 1914

De Heraut | 4 Pagina's