Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Onjuist beroep.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onjuist beroep.

3 minuten leestijd

Naar aanleiding van wat' we onlangs schreven, dat de tegenstanders van het plaatsverhuren in de Kerk o. i. zich ten onrechte beriepen op het woord van Christus: Maakt niet het huis mijns Vaders tot een huis van koophandel" (Job. 2 : 16) vraagt men ons, met welk recht we dit beroep afkeurden. Het verhuren van zitplaatsen is toch metterdaad een soort koophandel drijven in Gods huis en juist dat veroordeelde Christus.

Mogen we hierop antwoorden, dat deze exegese toch niet opgaat. Vooreerst niet, omdat de beide gevallen niet gelijk staan. De wisselaars in den tempel en degenen, die offerdieren verkochten, deden dit om hiei-door persoonlijk winst te maken. Op zich zelf nu keurt Christus dit niet af, want koophandel is niet ongeoorloofd. Wie met vreemd geld naar Jeruzalem kwam en in den tempel den heiligen sikkel wilde offeren, moest wel bij wisselaars terecht komen. En evenzoo, die offeren wilde, maar zelf geen vee bezat, moest wel de dieren voor de offerande koopen. Wat Christus alleen afkeurt, is dat deze koophandel gedreven werd iti den tempel, die een heilige plaats was, omdat God de Heere daar woonde. Nu gaat reeds daarom de toepassing van dit woord van Christus op het plaats-verhuren niet op, omdat dit plaatsverhuren niet een koopmanszaak is, waarvan de winst in den zak van particulieren komt, maar geld is, dat men geeft voor den kas der gemeente. Bovendien zou zelfs wanneer de gelijkstelling doorging, uit dit woord alleen volgen, dat het plaatsverhuren niet in het kerkgebouw mocht geschieden, maar wel daarbuiten, want het wisselen van geld en het verkoopen van offerdieren mocht buiten den tempel wel geschieden. En eindelijk, wat alies afdoet, onze kerkgebouwen kunnen nooit op één lijn gesteld worden met dén tempel te Jeruzalem; ze zijn niet > heilige gebouwen*, waar God woont, en ze kunnen niet het shuis mijns Vaders* worden genoemd. Calvijn waarschuwt "zelf tegen deze verkeerde opvatting, die wel Roomsch maar niet Protestantsch is. De tempel, het huis Gods is onder het Nieuwe Testament nooit het uitwendige kerkgebouw, maar de gemeente.

Uitdrukkelijk zij hier echter aan toegevoegd, dat wij door dit onjuiste beroep wmmmm p Joh. 2 : 16 af te keuren; allerminst een ans willen breken voor de plaatsverhuring zelf. Al moge het verhuren van zitplaatsen misschien op zich zelf geen kwaad wezen, het geeft in de practijk steeds tot zooveel kwaad aanleiding, dat we van harte elke poging toejuichen, mits deze met beleid v g v oen voorzichtigheid geschiedt, om het plaatsverhuren af te schaffen. Wat we alleen wilden doen, was een onjuist wapen uit dezen strijd wegnemen. Niet alleen omdat het gebruiken van zulk een verkeerd wapen aan de goede zaak, die men voorstaat, kwaad doet, maar niet minder omdat in het beroep op dezen tekst een gevaar ligt. Men zal dit thans zelf wel gevoeld hebben. Het is hetzelfde bezwaar wat we hebben tegen de ophangbordjes in sommige kerken : »men wordt verzocht in Gods huis niet te spuwen". De bedoeling is uitnemend, ook uit hygiënisch oogpunt, maar het kerkgebouw »Gods huis" te noemen is een Romanisme, dat zeker niet onschuldig is.

Kracht tegen het plaatsverhuren heeft men alleen dan, wanneer men zich beroept op Jacobus 2 : 1—4. Elke voorrang aan den rijke geschonken, omdat hij met zijn geld dit betalen kan, is in strijd met dit woord van den Apostel. En omdat het plaatsververhuren in de practijk schier altoos ertoe leidt, dat de rijken de beste plaatsen innemen, daarom is het plaatsverhuren in Chistus' Kerk liefst te mijden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 14 maart 1915

De Heraut | 4 Pagina's

Onjuist beroep.

Bekijk de hele uitgave van zondag 14 maart 1915

De Heraut | 4 Pagina's