Officieele Berichten.
Vrije Universiteit.
Men schrijft ons: Onder de inkomsten de vorige week ontvangen, waren een tweetal posten die de vermelding waardig zijn. Een legaat groot f 2000 en een gift voor het studentenstudiefonds groot f 1000, bestemd als stamkapitaal voor dat fonds, waarvan de rente jaarlijks kan worden genoten.
Behalve de uitbreiding van de contributiën voor de vereeniging is versterking van het studiefonds dringend noodig, en het was een goede gedachte sén de heeren oud-studen om mede te werken tot vermeerdering van de inkomsten-van genoemd fonds, ten einde studenten die niet in staat zijn al hunne studiekosten te betalen, behulpzaam te zijn.
Het studiefonds heeft vooral dit jaar veel geld noodig. De aanvragen zijn zeer vele, zoodat vooral ook door de tijdsomstandigheden de uitgaven klimmen.
Gelukkig nemen de inkomsten toe en behoeft voor geen afschrijving op het kapitaal gevreesd.
Maar wat zal het zijn, indien ook een volgend jaar onze universiteit met nieuwe benoemingen wordt gezegend? Dan zullen de uitgaven de inkomsten weer overtreffen.
Daarom moet vooraf worden gezorgd voor vermeerdering van inkomsten. En dat kan. Dat kan, zoo ook de groote steden, dat kan zoo bij name Amsterdam luistert en doet naar het woord van Prof. Mr. D. P. D. Fabius »Pompen of verzuipen.* Amsterdam gaat achteruit, gaat hard achteruit.
In 1907 was de contributie f 3850.25, in 1917 f 2718.25. Dus ruim f 1100 minder in de 10 jaar.
En hoe treurig de tijden ook wezen mogen, Amsterdam gaat in inkomen vooruit, hard vooruit. De nieuwbenoemde Minister van Financiën gaf als Wethouder van Amsterdam de volgende cijfers :
De inkomens boven de 10.000 over de jaren 1914—1917 waren als volgt:19.14 1917 meer aan 10.000— 20.000 1321 1691 370 > 20.000— 30.000-343 442 99 > 30.000— 40.000 196 256 60 » 40.000— 50.000 76 146 70 > 50.000—100.000 135 192 57 » 100.000—en hooger 62 162 100
Volgens het voorstel op de laatste jaarvergadering besproken, zou van f 10.000 inkomen f 80 contributie kunnen verwacht worden en van f 50.000 f 1000.
Tot op heden hebben drie leden hun contributie verhoogd en zijn er bij elkander maar 7 leden, die meer dan f25 contribueeren. Naar aanleiding van het besluit der Jaarvergadering schrijft een broeder, dat men zich geen wet laat stellen. Deze gedachte is geheel juist. Immers de wet is gesteld. Gesteld in het verlangen om naar alle geboden Gods volkomenlij k te leven.
Om nu die geboden te kennen op het stuk van bijdragen voor kerk en school en barmhartigheid, moet men weten wat er noodig is. Dat is door Ds. van Reenen keurig berekend, en destijds door Prof. Fabius duidelijk genoemd. Laat ons goeddoende niet vertragen.
De Kerkeraad der Geref. Kerk te Pijnacker Nootdorp besloot in zijn laatst gehouden vergadering, geen collectanten toe te laten, dan na schriftelijke aanvrage drie weken van te voren.
Namens den Kerkeraad der Geref. Kerk voornoemd,
G. V. D. STOEP,
BEDEDAG.
De Classis ’s-Gravenhage der Gereformeerde Kerken besloot in haar vergadering van heden, wederom èen bededag uit te schrijven. Wel is er in de bange historie onzer dagen geen bijzonder feit, dat tot een bededag aanleiding geeft; wel dreigt er geen buitengewoon en oogenbiikkelijk gevaar dat de classis tot deze beslissing noopte; doch de algemeene nood, die dagelijks stijgt en de toekomst met steeds donkerder wolken omhult, geeft reden te over om tot een afzonderlijke gebedsure samen te komen. Gij stemt dit ongetwijfeld toe. De oorlogsgruwel vermeerdert immers in toenemende ontzetting. De volkeren snellen op den weg der verdwazing voort, en hun leidslieden willen van vrede niet weten. Door alle landen waart de revolutiegeest rond, en nadert de honger. Ons volk gaat een hangen winter van-veel ontbering en tallooze zorgen tegemoet, en bovenal is {e geestelijke nood schreiend groot. Gods oordeelen verharden in plaats van bekeering te werken, en waar is onder ons de oprechte verootmoediging en verbreking des harten?
Laten wij daarom nogmaals gemeenschappelijk 's Heeren aangezicht zoeken. Hij vraagt van ons aan te houden in het gebed. Vooral nu hebben wij te bidden en niet te vertragen. Misschien wil onze God hooren. Daarom noodigt de Classis 's-Gravenhage u uit Zondag 29 S e p t e m b e r a. s. te bestemmen tot een bededag voor, de ellende der tijden, en in elk geval des mOrgens met de gemeente tot een gebedsure samen te komen.
De Heere schenke U den Geest der genade en der gebeden.
Namens de Classis, i
Ds. J. DouMA, Praeses.
Ds. C. J. VAN RiNSBERGEN, Assessor.
Ds. L. WYNIA, Sciiba.
’s-Gravenhage., 3 Sept.
Verslag van de Particuliere Synode van do'Gereformeerde Kerken in Drente, gehouden te Hoogeveen, 12 Juni 1918.
Art. 1. Namens de roepende Kerk van Hoogeveen opent Ds. H. S. Bouma de vergadering. Zijn Eerw. laat zingen Psalm 89:3, gaat voor in gebed, leest Psalm 95 en heet de broeders welkom.
Art. 2. De lastbrieven wórden nagezien en in orde bevonden. Alle primi-afgevaardigden zijn tegenwoordig.
Art. 3. Het moderamen wordt als volgd geconstitueerd : Ds. H. W. Laman, praeses. Ds. N. Duursema, scriba. Ds. H. S. Bouma, assessor I, Ds. N. Postema, assessor II.
Art. 4. Als hospitanten zijn aanwezig Ds. J. W. Esselink, Ds. J. C. van Mantgem en Ds. H. van der Veen, die worden uitgenoodigd om als adviseerende leden en als commissie voor stemopneming zitting te nemen.
Art. 5. De notulen van de vorige sjTiodale vergadering, die gelijkluidend zijn met de gedrukte acta, en dus als bekend verondersteld mogen worden, worden behoudens een paar w kleine opmerkingen goedgekeurd en vastgesteld. Art. 6. De assessor I doet lecture van enkele ingekomen stukken:
a. van de Deputaten voor het verband' tusschen de Ge: derland en de Theol. Fac. der siteit; aefening van |n in Ne-7rijè Univer-
b." van Ds. H. Dijkstra van Delfshaven, praeses van de Zendingsdeputaten, waarin hij mededeelt, dat hij tegen den middag ter vergadering hoopt te komen, en verzoekt om de behandeling van het Zendingsrapport niet vóór dien tijd te doen plaats hebben; c. van de Gen. Synode van 1917 inzake bewaring van kerkelijke archieven;
d. van de Gen. Synode van 1917 inzake dekking van onkosten door genoemde Synode gemaakt. a en b worden voor kennisgeving aangenomen. Aan het verzoek van Ds. H. Dijkstra zal worden voldaan, c en d zullen straks worden behandeld.
Art. 7. Ds. H. A, Dijkstra brengt rapport uit namens de Deputaten ad art. 49 D. K. O., welk rapport wordt goedgekeurd. Art. 8. Ds. G. van' Halsema rapporteert als prov. correspondent-penningmeester. Een voorstel, om 25 pCt. toeslag van de Classes te heffen ter 'dekking van onkosten, wordt aangenomen. De broeders J. Snoek èn H. S. Timmer zien het boek na, dat in de beste orde wordt bevonden. De corr.-penningm. ontvangt den dank der vergadering.
Art. 9. Ds. H. W. Laman rapporteert als curator der Theol. School. De vergadering verneemt met? ' blijdschap, dat de School zich in bloeienden toestand bevindt. De curator ontvangt den dank der Synode voor zijn rapport. Art. 10. Namens de Deputaten voor hulpbehoevende Kerken rapporteert Ds. H. A. Dijkstra. Het voorstel van Deputaten, om een bedrag, dat in 1902 uit de Kas voor hulpbehoevende Kerken in die voor Evangelisatie is gestort, thans naar eerstgenoemde Kas te renvoyeeren, wordt aangenomen. Ook worden aangenomen de voorstellen:
a. f 100 te storten in de Gen. Kas, b. de Kerk van Hijken te steunen met f 100, c. de Kerk van Vledder met f 125, d. de Kerk van Norg met f 50, e. de Kerk van Sleen met f50 (onder voorwaarde, dat de vacature in deze Kerk eerst vervuld moet worden) en f. de Kerk van Schoonoord met f 100. De rapporteur ontvangt den dank der. vergadering.
Art. 11. Ds. H. A. Dijkstra brengt rapport uit namens de Deputaten voor Evangelisatie. Een voorstel van Deputaten, om bij gebleken behoefte f 100 uit te keeren aan een weduwe, wordt aangenomen. Besloten wordt den arbeid der Evangelisatie te Ruinen over te dragen aan de Classis Meppel, zoo de Kerk-van Ruinerwold dien arbeid tenmiiatc niet wil overnemen. Een finantieele regeling.zal door de Deputaten ontworpen worden, terwijl de eerstkomende Synode dan een afdoend besluit in deze materie zal kunnen nemen. Wordt goedgevonden f 50 beschikbaar te stellen aan de Classis Koevorden ten behoeve van den Evangelisatie-arbeid te Schoonoord en te Steenwijksrnoer. De Deputaten ontvangen machtiging om van de Classis opgave te vragen van de jaarlijksche inkomsten. De handelingen van Deputaten wor/len verder goedgekeurd. Den rapporteur wordt door den praeses dank betuigd.
Art. 12. Ds. W. W. Smitt rapporteert namens de Deputaten naar art. 19. D. K. O. Uit het rapport blijkt, dat Drente 7 alumni heeft, die allen goede vorderingen maken. Eén alumnus heeft zijn studie beëindigd en reeds een roeping aangenomen. De handelingen van Deputaten, alsook het rapport, worden onder dankbetuiging goedgekeurd.
Art. 13. Ds. H. Dijkstra, die inmiddels ter vergadering gekomen is, wordt hartelijk verwelkomd door den praeses.
Art. 14. Wordt goedgevonden, dat het Zendingsrapport, dat aan alle leden is toegezonden, niet wordt voorgelezen. Een paar vragen naar aanleiding van dit rapport worden ten genoegen beantwoord.. Met een opmerking betreffende het finantieele gedeelte van het rapport zal door Deputaten rekening worden gehouden. Een voorstel van Deputaten, om hen te machtigen in de Kerken gelden te verzamelen, die noodig zijn voor woningbouw en salaris voor een tweeden onderwijzer op Soemba, wordt unaniem aangenomen. Het rapport wordt goedgekeurd. Deputaten ontvangen den dank der vergadering. ** Art. 15. Ds. H. S. Bouma brengt rapport uit namens de archief-bewarende Kerk van Hoogeveen. Uit het rapport blijkt, dat het archief nog niet geheel geregistreerd is. Binnenkort hoopt de Kerk van Hoogeveen er mede gereed te komen. Onder dankzegging voor het rapport verzoekt de Synode aan genoemde Kerk haar arbeid voort te zetten, en besluit zij in verband met het ingekomen stuk van de Gen. Synode (zie sub 6 c.) aan de Classes te verzoeken, bij de kerken er op aan te dringen de registreering van de archieven in orde te brengen.
Art. 16. Het voorstel van de Classis Beilen, vervat in de instructie: > De Part. Synode besluite, dat het besluit in art. 16 der Handelingen van de vorige P; rrt. Synode ten opzichte van br. S. te N. genornen, ook zal gelden voor br. v. O. te V.«, wordt aangenomen. De Synode spreekt dus uit, dat bij eventueele pensioneering an br. v. O., mits deze dan nog verbonden s aan de Kerk van "VI, aan genoemde Kerk steun zal worden geboden.
PAUZE.
Art. 1? . Na het zingen van ^salm 81 : 12 ordt de vergadering heropend.
Art. 18. Naar aanleidingvan de instructje der Classis Beilen: »De Part. Synode onderwerpe de classicale indeeling aan een herziening* en lettende op het feit, dat enkele binnen de grenzen van Drente liggende Kerken ressorteerèii onder de Classis Stadskanaal, hetgeen een onzuivere toestand is, draagt de vergadering aan de Deputaten naar art. 49 D. K. O. op de volgende Synode te dienen met een uitgewerkt advies inzake een nieuwe classicale indeeling.
Art. 19. Op de zaak, ter tafel gebracht door de instructie van de Classis Koevorden: De Classis vestigt de aandacht der Part. Synode op den ongewenschten toestand, dat zoo vele candidaten tot den H. Dienst zich wel beroepbaar laten stellen, maar daarna geen beroep wenschen te ontvangen, en verzoekt de Part. Synode over deze zaak een schrijven te richten tot de curatoren der Theol School en de Deputaten voor het verband met de Theol. Fac. der V. U.«, meent de Synode niet te kunnen ingaan.
Art. 20. Ds. H. A. Dijkstra rappoateert namens de Deputaten naar art. 13 D. K. O. Aan Deputaten wordt opgedragen op de volgende Synodale vergadering te "komen met een voorstel inzake een ruimere verzorging van Emeriti. De vooMtellen van Deputaten betreffende uitkeeringen worden aangenomen. Na breedvoerige discussie wordt besloten de door Deputaten opgestelde en aan alle Kerken en Classes toegezonden conceptregeling tot uitvoering van art. 13 D. K. O. in de Prov. Drente, te behandelen. Vanwege den tijd (vele broeders moeten vertrekken, om nog met de laatste reisgelegenheid hun woonplaats te kunnen bereiken) kan de behandeling thans evenwel niet geschieden, en wordt ze dus uitgesteld tot de volgende synodale vergadering. De Deputaten zullen het concept nog eens herzien, daarbij rekening houdende met de algemeene opmerkingen, die in de breedvoerige inleidingsdiscussie gemaakt zijn. Art. 21. Onder de werkzaamheden door hebben de volgende benoemingen plaats :
a. Dep. art. 49 D. K. O. Ds. G. van Halsema (primus). Ds. H. Brouwer (secundus). b. Dep. art. 19 D. K. O. Ds. H. A. Dijkstra {primus), Ds. J. C. van Mantgem (secundus). Secundus-Deputaat (vac. Ds. G. Groot Nibbelink) Ds. T. L. Kroes. Idem (vac. Ds. C. Bouma) Ds. J. Gispen. Idem (vac. Ds. W. Fokkens) Ds. J. D. Heersink.
c. Dep. Zending Ds. W. W. Smitt (primus). Ds. H. A. Dijkstra (secundus). d. D. Evangelisatie Ds. G. van Halsema (primus), Ds. J. D. Heersink (secundus). e. als Deputaten voor de hulpbehoevende Kerken worden ook dit jaar weer aangewezen de Dep. voor Evangelisatie. f. Curator Theol. School Ds. H. W. Laman; Ds. N. Duursema (secundus).
g. Dep. art. 13 D. K. O. br. J. Beekman. Art. 22. Bij de rondvraag wordt aan den scriba op diens verzoek machtiging verleend om een nieuw nolulenboek aan te schaffen. Art. 23. De samenroeping der volgende Synode wordt opgedragen aan de Kerk van Hoogeveen. -
Art. 24. De toepassing van art. 43 D. K. O. behoeft niet plaats te hebben. Art. 25. De assessor I zegt den praests dank voor zijn uitnemende leiding. Art. 26. De atsessor II leest de korte notulen, die worden goedgekeurd. Art. 27. De praeses sluit de vergadering en gaat voor in dankzegging.
N. POSTEMA, Assessor II.
Beilen., 18 Juni 1918.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 15 september 1918
De Heraut | 2 Pagina's