GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

'Hier leert de natuur ons zelf den weg' - pagina 203

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

'Hier leert de natuur ons zelf den weg' - pagina 203

Een geschiedenis van Natuurkunde en Sterrenkunde aan de VU

2 minuten leestijd Arcering uitzetten

een andere universiteit. de jaren 1965-1987

202

trek, die er nogal eens toe leidt dat men zichzelf uitnemender acht dan een ander.’ Rudwick zag zelf als belangrijkste taak van de wetenschapsgeschiedenis de studie van de historische en maatschappelijke dimensies van natuurwetenschappelijke kennis – waarbij de ‘verzoeking van al te gemakkelijke slagzinnen’ moest worden weerstaan.76 In 1980 zou hij ontslag nemen en terugkeren naar Engeland, en later zou hij aan de University of California te San Diego uitgroeien tot een van de grootsten in zijn vakgebied. Hoewel de directe aanleiding voor zijn vroegtijdige vertrek – na, zoals hijzelf schreef in zijn open afscheidsbrief, ‘één van de ongelukkigste en meest frusterende periodes in mijn leven’ – was gelegen in een conflict rond één van zijn medewerkers, hebben ook deze uiteenlopende verwachtingen op de achtergrond zeker een rol gespeeld.77 Na Rudwicks vertrek werd het onderwijs- en onderzoeksprogramma in de Algemene Vorming, de nieuwe naam van de vakgroep sinds 1982, geherstructureerd. In 1976 was P. P. Kirschenmann al benoemd tot hoogleraar in de wijsbegeerte van de exacte wetenschappen. H. A. M. Snelders, zelf gepromoveerd bij Hooykaas en zijn opvolger als hoogleraar aan het Instituut voor Geschiedenis en Grondslagen van de Natuurwetenschappen in Utrecht, werd in 1982 benoemd aan de vu tot buitengewoon hoogleraar in de geschiedenis der natuurwetenschappen. In 1983 werd E. J. Tuininga benoemd als hoogleraar in de maatschappelijke aspecten van de natuurwetenschap.78 Vanaf 1 januari 1984 was de vakgroep, met drie secties: geschiedenis, filosofie en maatschappelijke aspecten, op de in 1981 geplande sterkte. Er werd onderzoek gedaan en onderwijs verzorgd voor het onderwijspakket Algemene Vorming in de gehele Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen.79

hoofdlijnen van het onderzoek in de subfaculteit (1972-1986)80 Ondanks de roerige tijden – democratisering, de veranderingen in het christelijke karakter van de vu, uiteenlopende opvattingen over wetenschap & samenleving, en bezuinigingen op het onderzoeksbudget – vond het onderzoek in de Subfaculteit Natuurkunde en Sterrenkunde in deze periode (ogenschijnlijk onverstoorbaar) doorgang.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 2005

Historische Reeks | 281 Pagina's

'Hier leert de natuur ons zelf den weg' - pagina 203

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 2005

Historische Reeks | 281 Pagina's