1908-1909 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 110
102 voor oningewijden bestemd, hebbeu zij alle wetenschappelijke waarde ontzegd aan de meening hunner tegenstanders, hebben zij zelfs hen, die voorzichtig hun oordeel opschorten, veroordeeld en allen, die niet onverwijld geloovig hun dogma aannemen, voor duisterlingen uitgemaakt."
Krasser kon het moeilijk gezegd worden, maar waar is het
zeker voor dit geval en voor zoovele andere theorieën. Merkwaardige ontboezemingen Buekers deel
over
van
zijn
over dit onderwerp lezen wij in een stuk van ü r . „de
Bezielingstheorie". ')
Buekers heeft
een groot
leven gemeend, dat de natuurwetenscliappcn exact
waren on dat daarom bare groote wetten en waarheden uitsluitend tot onze kennis kwamen door zuivere, onbevooroordeelde waarneming, door een
zuiver denken.
„Jaren geleden, ik was nog jong en vol van
eathou.siasme, dat met nuchtere wetenschap slecht samengaat,
vertelde ik eens aan een steunpilaar van en vurig kampioen vooi de ultra rechtzinnige kerk van Teylers Bibliotheek, die alleen theologische en natuurwetenschappelijke boekwerken bevat. Toen trof mij als een .slag in 't gezicht 's mans leuke opmerking: „welke van de tvv(;e zouden
wel liet
meeste dogmatiek bevatten ?"
Dat leek me toen
een vraag, te gek om op te antwoorden en een uitvloeisel van volslagen onwetendheid omtrent het wezen en den aard van het natuur wetenschappelijk onderzoek.
Nu w e e t ik beter.
Door veel te zien
en veel te denken, met geestdrift ja, maar genoeg getemperd om er niet door
to worden
belieerscht, heb ik geleerd ei leer ik steeds
meer, hoeveel wij niet weten en hoezeer wij daardoor geneigd zijn alles
voor mogelijk te houden."
sluit zichzelf dus niet uit.
Buekers spreekt hier van wij en
Zeer terecht, want als hij daarna zijne
meening illustreert met de behandeling van een i)aar „leerstellingen", die een bijzonder taai leven gehad hcibben, dan is hij zelf allerminst onbevooroordeeld. Als voorbeeld van een dogma noemt hij de opvatting der vroegere onderzoekers, die met Aristoteles meenden, dat alle levende wezens ontstonden door rotting of gisting van doode stof.
Een dogma nog
taaier van leven is de theorie van de doelmatigheid in de levende natuur. 1)
„Alles, ieder orgaan, ieder kenmerk, iedere eigenschap, iedere
Album der Natiiui-, ,}aii. 1909.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 188 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 188 Pagina's