1908-1909 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 140
132 maatschappij en waarbij tevens beoogd wordt de behandeling — of althans de onschadelijkmaking — van dengene, die het misdrijf pleegde is voor den schrijver niet een straf doch slechts een politiemaatregel^ geheel liggend buiten het terrein van het strafrecht. Door het streven om tusschen de toeiekenbaren en ontoerekenbaren een derde groep in te schuiven, doet men volgens Mr. Gewin een sprong in het duister; door het bloote feit van deze opneming laat men het strafrecht z. i. glippen. Bij nadere overweging van dit punt schijnt de auteur deze laatste uitspraak toch een weinig te kras te hebben gevonden want in zijn tweede artikel erkent hij, dat er in de praktijk ongetwijfeld gevallen voorkomen, waarin het zeer moeilijk valt uit te maken, of de delinquent al of niet toerekeningsvatbaar is. „Had men nu" zoo vervolgt hij, „met rechtere en psychiaters te doen, die allen streng aan het strafrecht vasthielden, zoo ware er wellicht geen bezwaar om naast de gevallen van toerekeningsvatbaarheid en ontoerekeningsvatbaarheid te sjn'eken van twijfelachtige gevallen, waarbij een mindere straf werd voorgeschreven." En verder: „Onder de tegenwoordige omstandigheden valt de opname van een derde groep van minwaardigen zeker als gevaarlijk te ontraden. Straf wil men immers op dezen in geen geval toepassen, alleen behandeling in verschillenden vorm. Wanneer men nu in aanmerking neemt, dat vele rechters en do meeste psychiat(;rs, die om advies worden gevraagd, doordrongen zijn van de denkbeelden der z. g. n. nieuwe richting, die van straf niet wil weten, dan gevoelt men, dal er in de praktijk, bij de opname van de grensgevallen in de wet, van het strafrecht niet veel overblijft, daar men er uit den aard der zaak zoo gemakkelijk toe komt lederen misdadiger onder de verminderd toerekenbaren te rangschikken. Hoewel Mr. Gewin de nieuwe richting zeer bedenkelijk acht toch ziet hij zeer wel in dat de bestaande toestand dringend verbetering behoeft. Thans wordt de misdadiger aan het einde van zijn straftijd als het ware weder op de maatschappij lo.sgelaten met dit gevolg, dat hij dikwerf andermaal tot misdaad vervalt; weder geïnterneerd wordt hij na enkele jaren weder ontslagen, en nu wordt menigmaal op nieuw de maatschappelijke veiligheid door hem in gevaar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 188 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 188 Pagina's