Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 141

2 minuten leestijd

133 geslacht, b. v. mastodon angustidens, die men o. a. in de mioceenlagen van Simorre, aan de Qimone, een zijtak der Garonne, in het departement Gers gevonden heeft, hadden ook nog twee slagtanden in de onderkaak. De naam is ontleend aan de tepelvormige verhevenheden op de kiezen. Volledige geraamten van mastodon zijn niet zeldzaam en o. a. te Eppelsheim in RijnHessen gevonden ; in 1884 werden in de zandgroeven van Steinheim in V/urttemberg ten N. O. van Geislingen de bij elkaar behoorende beenderen van een tepeltandigen olifant opgegraven. Vooral de diluviale lagen van Amerika hebben menig schoon exemplaar van dit dier opgeleverd. Wijl de eerste geraamten van den mastodon door A. KOCH in 1840 beneden Cincinnati in het dal der Ohio gevonden werden, is de mastodon ook bekend onder den naam van Ohiodier. In 1845 werden ook ten W. van New-York, en wel eveneens in diluviale lagen, zes volledige geraamten van den reuzenmastodon of mastodon giganteum opgegraven, waarvan sommige nog overblijfsels van genoten plantaardig voedsel — dennenaalden — vertoonden, die in de maagstreek lagen. Ook in Zuid-Amerika, op de hoogvlakten der Cordillera's en in de pampa's zijn mastodonbeenderen ontdekt. Eveneens hebben de Sivalik-lagen, aan den voet van den Himalaya, tusschen de rivieren Ganges en Dsjoemna, resten van mastodons opgeleverd. In Europa leefde de mastodon niet meer tijdens het diluvium ; in Amerika was dat wel het geval en het is zelfs waarschijnlijk, dat deze diluviale Amerikaansche olifant daar eerst in historischen tijd is uitgestorven, gelijk zulks ook vermoed wordt van zijn tijdgenoot der Oude Wereld, den mammoet. Voor zoover bekend is, werden in ons werelddeel de eerste mastodonbeenderen gevonden in het jaar 1613 en wel in eene zandgroeve niet ver van Lyon, tusschen de plaatsen Montricourt en St. Antoine. Een slimme Franschman, MAZURIER geheeten en chirurgijn van beroep, verzamelde ze en maakte bekend, dat hij de beenderen gevonden had van den beroemden reus TEUTOBOCHUS, koning der Cimbren en Teutonen, die in het jaar 102 werd verslagen door CAJUS MARIUS bij Aquae Sextiae, het tegenwoordige Aix ten N. van Marseille. MAZURIER reisde met die beenderen door een groot deel van Europa, liet ze voor veel geld zien en genoot zelfs de eer aan LODEWIJK XIII, koning van Frankrijk, voorgesteld te worden en aanleiding te geven tot eene reeks van

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 141

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's