Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 93

2 minuten leestijd

85 lieid anti-lichamen plotseling. Bij deze ontleding worden intermediair allerlei stoffen gevormd, die waarschijnlijk dezelfde zijn als bij de vertering in den darmwand (peptonen,etc.) En zekere groepen van deze spiitsingsprodukten werken blijkbaar, nu zij in de bloedbaan niet giftvrij kunnen worden gemaakt, (wat wel in den darmwand kan geschieden), ongemeen giftig. Naar deze opvatting is dus de anaphylaxie op te vatten als eene vergiftiging door intermediair uit de eiwit-vertering ontstane spiitsingsprodukten. En nu zijn die splitsingsprodukteu waarschijnlijk in 't geheel niet specifiek, maar specifiek is slechts de wijze, waarop deze gift-vorming plaats vindt; omdat nl. slechts eene kleine dosis eiwit ter her-injectie wordt aangewend, en de anti-lichamen reeds door de immunisatie vermeerderd zijn, wordt deze kleine dosis in eens gansch ontleed, waardoor veel spiitsingsprodukten in betrekkelijk groote concentratie gevormd worden, die daardoor giftig werken. Bij de anaphylaxie zijn (evenals bij de haemolyse) 3 componenten werkzaam, welke met elkaar in reactie treden onder afsplitsing van giften. Deze 3 componenten zijn: de anti-eiwitlichamen, van de Ie eiwit-injecties afkomstig, het eiwit van de laatste injectie (waarop anaphylaxie volgt,) en het complement. Ook in het reageerbuisje laat zich aantoonen, dat uit deze 3 componenten een anaphylactisch werkend vergif, (anaphylatoxine) kan worden afgescheiden. Want voegt men aan serum, dat anti-eiwitlichamen bevat het specifieke eiwit toe -f- normaal serum (voor het complement), dan wordt dit mengsel zoo giftig, dat (wanneer men het eerstgevormde praecipitine heeft verwijderd door centrifugeeren) het cavia's doodt; en wel acuut onder het typisch symptomenbeeld der anaphylaxie. Nu zal het zonder meer ook wel begrijpelijk zijn, dat men door het serum van een dier, dat door eiwit-injecties voorbehandeld is, bij een ander dier in te brengen, dat proefdier passief anaphylactisch kan maken. Immers in het bloed van dat proefdier circuleeren zoo toch (hoewel niet aktief gevormde) specifieke anti-lichamen; bovendien is complement aanwezig; spuit men nu intra-veneus weer eiwit in, dan zal dat eiwit ontleed kunnen worden, en anaphylaxie teweegbrengen. Hoe is verder de anaphylaxie te verklaren, die soms optreedt bij het immuniseeren van dieren tegenover een bepaald toxine ?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 93

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's