Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 181

2 minuten leestijd

173 helpen of om het deftiger te zeggen, ten einde een brug te slaan over de klove, die hen van de Javanen scheidt. 't Is in zekeren zin jammer, dat hij daarvoor noodig is, maar het is nu eenmaal niet anders. Veel schooner zou het zijn, als 't Javaansche volk in al zijn rangen en standen der maatschappij uitriep: „Kom over en help ons." Niet bij wijze van een enkelen Macedonischen man, terwijl dan bij aankomst blijkt, dat het gros van het volk er niets van hebben moet en de „zendelingen" in den kerker of de stad uit werpt. Ook niet enkele armen en ellendigen, die wel gaarne wat rijst en kleeren willen hebben en des noods daarbij een preek op den koop toe nemen. Neen, maar als werkelijk het geheele volk of al ware het slechts een belangrijke kern van het volk ontevreden was met zijn religie en uitzag naar de zuivere prediking, wel, dan had de Med. zendeling onder zulk een volk immers geen reden van bestaan. Doch nog eens, zoo is het niet. Hoe weinigen in Israël stonden er zoo onder of onder de Grieken en Romeinen, althans in dat eerste stadium der zending, waarvan we in de Handelingen lezen. Onder de Javanen is het nu althans hooge en hooge uitzondering. O zeker een hoogst enkelen keer leest men zelfs van een gemeente, die ontstaan is doordien een of twee uit een dessa zich opmaakten om dien nieuwen prediker eens te gaan hooren, tot bekeering kwamenen een zegen voor hun dessa-genooten werden. Maar in den regel staan de zaken heel anders. Er is angst voor dien man met zijn nieuwe leer, mogelijk heel geschikt voor Hollanders, maar natuurlijk niet voor ons, Javanen. Er is wantrouwen jegens dien blanke, die zoo maar in onze dessa's en huizen wil komen, ('t Wil toch alles muizen wat van de katten komt.) Er is overschilligheid voor geestelijke behoeften, waar de strijd om het bestaan zoo zwaar valt. Er is vrees voor den toorn der geesten, indien deze zouden bemerken, dat ze den ouden adat gingen verwaarloozen. En, wat alles afdoet, ze hebben immers zulk een prachtigen Godsdienst, geheel voor hen geschikt, zoo'n mooi dun laagje Mahomedanisme waarmee ze hun fatsoen ophouden tegenover

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's

1910-1911 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 181

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 238 Pagina's