1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 50
42
ook groote mogendheden — en wel op het terrein van het organische leven — kunnen worden genoemd. Ter voorkoming van misverstand merk ik op, dat niet minder belangrijk zijn de zuiver geestelijke factoren, welke ik echter in het vervolg van dit artikel buiten beschouwing laat. Onder aanleg kunnen wij datgene verstaan, wat bij een organisme vanaf het eerste moment van zijn bestaan richting geeft aan zijne ontwikkeling ; de omgeving is het complex van die factoren buiten het organisme, welke in meerdere of mindere mate invloed uitoefenen op dat organisme. Wat uit den aanleg voortkomt noemen wij endogeen, wat aan de omgeving (het milieu) "^e wijten — of te danken — is exogeen. Het kan geen bevreemding wekken, dat de vraag of zeker verschijnsel endogeen dan wel exogeen moet heeten zoo dikwerf van verschillende zijde in verschillenden zin wordt beantwoord. Immers noch de aanleg noch de omgeving zijn grootheden, welke in qualitatief of quantitatief opzicht nauwkeurig bekend zijn, en dezelfde opmerking geldt dikwerf ook van het verschijnsel zelf. Bij deze veelheid van vaagheden ware voorzichtige reserve bij de beantwoording van de gestelde vraag geboden, doch de ernst en de frequentie van een verschijnsel noopt dikwerf desniettemin tot een positie nemen. Ik denk hierbij in de eerste plaats aan de criminaliteit. Welk een divergentie van meeningen wanneer naar de oorzaken wordt gevraagd. Eenerzijds de Italiaansche school met als hoofdpersoon LoMBROSO, den vader der crimineele anthropologic. LOMBROSO heeft de aandacht van de wetenschappelijke wereld afgeleid van de misdaad naar den misdadiger. Hij heeft hem gemeten, zijne functies onderzocht, hij heeft hem geschetst als een mensch met eene bijzondere aan degeneratieteekens te herkennen organisatie, en later als iemand, nauw verwant aan den epilepticus. Weliswaar is sedert dien tijd de geboren misdadiger na korte periode van algemeene bekendheid op den achtergrond getreden maar de opvatting, dat de aanleg bij de misdadigers verreweg de grootste rol speelt, is in breeden kring blijven bestaan. Van geheel andere zienswijze gaf — onder leiding van Lacassagne — de Fransche school blijk. Volgens haar was niet de organische gesteldheid van den misdadiger het hoofdmoment doch
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's