Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 93

2 minuten leestijd

87

Ondanks het werk van Pinel en Esquirol, die zich zoowel op het praktisch gebied der krankzinnigenverpleging als op dat der wetenschappelijke psychiatrie verdienstelijk maakten, kon men toch in 1826 nog de volgende uitspraak hooren : „Ieder mensch met een gezond oordeel is even competent als Pinel en Esquirol en hij heeft nog boven hen voor, dat hij niet verblind is door wetenschappelijke vooroordeelen." De nauwgezette studie van de psychosen bracht echter, ook al verstomden de uitspraken als de juist genoemde, moeielijkheden. Door Esquirol werden namelijk monomanieën beschreven en naast de zgn. intellectueele werden ook de instinctieve aangenomen. Dit nu gaf een bron van ellende. De psychiaters namen toen aan, dat de wil ziek kon zijn, terwijl de overige persoonlijkheid tegelijk gezond zou kunnen zijn. Men zou dus, om een voorbeeld te geven, bij een moord deze conclusie van den psychiater kunnen hebben: aan de neiging om een moord te doen kon de dader door zijn pathologisch zwakken wil geen weerstand bieden, hij is dus een wilszieke, en, al is zijn intellect nog zoo goed, daarom niet verantwoordelijk voor zijn daden. Door deze opvattingen kwam de psychiatrie in miscrediet. Men redeneerde aldus : Neemt men monomanieën aan, dan ligt het voor de hand, dat een mensch niet verantwoordelijk is voor de handelingen, die met het waandenkbeeld in betrekking staan, maar voor de andere moet hij verantwoordelijk worden geacht. Zelfs voor die handelingen, die met het waandenkbeeld in betrekking staan, evenals voor het waandenkbeeld zelf, moet een gedeeltelijke verantwoordelijkheid worden aangenomen, omdat er gezonde deelen zijn overgebleven en deze moeten gebruikt worden om weerstand te bieden aan de ziekelijke driften. De meer bedachtzame psychiaters voelden deze bezwaren heel goed en stelden op den voorgrond, dat de monomanieën eigenlijk niet voorkwamen, daarnaast kwamen andere verschijnselen voor, die duidelijk maakten, dat men niet met een gedeeltelijk, maar met een algeheel zieke persoonlijkheid te doen had. Eerst wanneer men een volkomen beeld van den zieke gaf, zou men den rechter kunnen overtuigen. De meest ernstige fout werd begaan, toen men naast de op zichzelf staande stoornissen van verstand en wil die van het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's

1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 93

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's