1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 135
129 meter meerwaarts daarvan verwijderd waren. De jongere bronsperiode of époque larnaudienne heeft haar naam ontvangen naar het plaatsje Larnaud in het departement Jura; de bronzen werktuigen van dit tijdvak werden niet meer uitsluitend gegoten, maar ook door bewerking met den hamer vervaardigd. Op de bronsperiode volgt de ijzerperiode, doch men kan zeggen dat deze laatste eigenlijk geheel tot den historischen tijd behoort. Het oudste gedeelte der ijzerperiode wordt echter door velen nog tot den voorhistorischen tijd gerekend en dan in twee ondertijdvakken verdeeld, waaraan de Mortillet de namen gaf van époque hallstattienne en époque marnienne of gauloise. De laatste naam heeft echter in 't geheel geen ingang gevonden ; inplaats van époque marnienne zegt men thans algemeen latene tijdvak. De naam hallstattperiode is ontleend aan het Oostenrijksche dorp Hallstatt, dat ten Z.O. van Salzburg in Salzkammergut aan den voet van het Dachsteingebergte ligt en waar in het jaar 1846 meer dan duizend graven met een zeer groot aantal bronzen, ijzeren en barnsteenen voorwerpen, benevens veel aardewerk gevonden werden. Voor jonger dan dit oudste ijzertijdvak houdt men de latèneperiode, zoo genoemd naar eene ondiepte in het meer van Neuchatel bij het dorpje Marin, welke ondiepte den naam draagt van la Tène en waarop zich nog in de eerste eeuw na Chr. een paalbouw verhief. In de puinhoopen van dit paalkasteel of van deze versterkte paalwoning werden in 1858 een groot aantal ijzeren werktuigen en sieraden gevonden.
Lang geleden, in het tijdvak dat den naam van tertiaire periode draagt, toen ons land en noord-Duitschland nog door het water der zee bedekt waren, bezat ons werelddeel een veel milder en gelijkmatiger klimaat dan thans. In het begin dezer periode, tijdens de eoceene formatie bestonden de hoogste gebergten van Europa, zooals Alpen, Karpaten en Kaukasus nog niet, maar strekte zich door Frankrijk, Zwitserland, zuid-Duitschland, Oostenrijk, Hongarije en verder oostelijk gelegen streken een groote binnenzee uit, die den Atlantischen oceaan met den Indischen of met den Grooten oceaan verbond. Eerst gedurende de volgende formaties van het tertiaire tijdvak verdween deze zee langzamerhand en rezen de hooge gebergten op. Orgaan
9
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's