1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 123
117 tijdelijk den belemmerenden invloed der zwaarte kracht op zijne bewegingen kan compenseeren. De levende cel kan inwendig evengoed wijzigingen ondergaan door osmotische krachten, als dat twee door een permeabelen wand gescheiden vloeistoffen van verschillende osmotische concentratie op elkaar inwerken. Toch is ook hier verschil. De levende cel kan nl. soms eene kracht ontwikkelen, waardoor ze groote osmotische spanningen kan overwinnen. Opdat echter het levende organisme eene bepaalde kracht overwinne, moet het eene kracht leveren, welke tegenovergesteld is aan en minstens even groot is als die kracht. Nu zou men, als die krachten in alle opzichten bekend waren, ze kunnen meten met onze gebruikelijke methoden. Ook zou men die krachten kunnen nabootsen, daar ze in haar wezen niet zullen verschillen van de krachten, welke men op gewoon materieele wijze kan produceeren (stoommachine, hefboom, etc.) En kon men nu, voortredeneerende, eene bepaalde celarbeid volkomen analyseeren, zoodat men wist, hoe en in welke mate en welke bijzondere krachten samenwerkten tot het verkrijgen der onderhavige arbeid, dan zoude men die arbeid ook kunnen nabootsen. Dit tracht men nu te doen door bepaalde apparaten, waarin door een kunstmatig en willekeurig te wijzigen samenspel van krachten een zeker arbeidseffekt, ongeveer overeenkomende met dat van eene bepaalde cel of orgaanfunctie, wordt verkregen. Gesteld, dat men met apparaten eens iets analoogs kon verkrijgen, als men door de levende cel ziet gebeuren, dan pleit dat voor de meening, dat geene bijzondere krachten als werkzaam zijnde in de levende cel behoeven te worden aangenomen, als die, welke we ook buiten het levende organisme kennen. Dus : overeenkomst van krachten in de organische en in de anorganische wereld. Of anders gezegd : geene aparte kracht om de zenuwfunctie te verklaren, geene aparte kracht om de klierfunctie te verstaan ; kortom, uit een voortgezet onderzoek van cel- en orgaan-functie op deze wijze, zoude kunnen blijken, dat analoge krachten werkzaam zijn in de organische en in de anorganische wereld, t. w. electrische, thermische, chemische, osmotische, etc. etc. Het komt mij dus niet onmogelijk voor, dat men dit positieve resultaat zou kunnen verkrijgen uit de bestudeering van het leven, door de wijze, waarop vitaal arbeid wordt geleverd, met apparaten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's