Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 41

2 minuten leestijd

33 Ten onrechte heeft men gemeend, dat FECHNER hierbij zou gedacht hebben aan een bepaald causaal verband, alsof het stoffelijke langs directen weg in het geestelijke zou overgaan. Hij erkende wel degelijk, dat beiden een geheel verschillend karakter hebben en dat er daarom hoogstens van een indirect, maar nooit van een direct verband sprake kon zijn. Hierbij dacht hij aan een dergelijke verhouding als van ordinaten en abscissen bij het ontstaan van een curve; het schijnt, dat deze beide factoren geheel onafhankelijk van elkander bestaan en toch vormen zij samen door hunne combinatie de curve. Tot steun voor zijne opvatting wees FECHNER op andere omstandigheden uit het nerveuze leven, die zich op deze wijze gemakkelijk zouden laten verklaren. Vaak zijn er nerveuze processen, die door uitwendige prikkels in de zintuigen tot stand komen, maar als het ware onopgemerkt voorbijgaan; een bekend voorbeeld hiervan vindt men met al datgene, wat gedurende den slaap geschiedt. Indien men nu aanneemt, dat de nerveuze prikkeling en de bewuste gewaarwording zich tot elkander verhouden als de logarithme, dan kan men dit verschijnsel gemakkelijk verklaren. Immers, indien de nerveuze prikkeling eene waarde heeft kleiner dan de eenheid, dan wordt de logarithme negatief en kan dus geen positieve gewaarwording ontstaan. Heeft de prikkeling de waarde van den prikkeldrempel, dan wordt de intensiteit der gewaarwording gelijk nul en wordt de prikkel sterker dan krijgt eerst de intensiteit een positieve waarde. Deze beschouwing was een natuurlijk gevolg van de opvalting van FECHNER, die de eenheid voor den prikkel zocht in den prikkeldrempel. Deze verklaring heeft echter slechts weinig steun in de wetenschappelijke wereld gevonden, zoodat de psychophysische opvatting van de wet van WEBER weinig aanhangers meer vindt. Met een enkel woord moet nog iets worden medegedeeld aangaande andere van de voornaamste bezwaren. Het zou natuurlijk wel zeer gemakkelijk zijn, indien het nerveuze proces op zijn weg naar het corticale centrum steeds evenredig bleef met den uitwendigen prikkel. Toch schijnt het a priori al zeer onwaarschijnlijk, dat alles zoo geleidelijk zou verloopen en nergens eenige verandering zou tot stand komen in de onderlinge verhoudingen. In elk geval is het absoluut niet 3

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's

1911-1912 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 41

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's