Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 29

2 minuten leestijd

21 met goed recht uitgesloten en dus gewilde handelingen in de genoemde beteekenis ontkent. Er blijft dus slechts de vraag over of onze kennis der ontogenese de veronderstelling eener niet mechanistische (physico-chemische) onbewuste „Natur faktor sui generis" erkent; eene „neue elementare Sonderheit" (DRIESCH S. 208), hetgeen door DRIESCH Entelechie is genoemd. Volgen wij vóór alles de wijze, waarop DRIESCH tot de opstelling zijner hypothese is gekomen. Zijne ontogeneyp o ese (jgci^g studies zijn o.a. aan de zeeëgeleieren, zijn V. Driesch > • 0 > j regeneratie proeven aan Tubularia en de kieuwen van Clavellina verricht. Met groote helderheid noemt DRIESCH een „Elementarorgan" een deel van het embryo, dat uit cellen van gelijk protoplasmatisch karakter bestaat; het proces, waaraan een elementairorgaan zijn onstaan te danken heeft noemt hij een elementair-proces. Zoo zijn bijv. elementairorganen de blastulawand, het ektoderm, mesenchym, het entoderm enz. Het lot, dat een kiemelement wacht, is volgens DRIESCH de prospectieve beteekenis. Evenals Roux stelt DRIESCH zich nu de vraag, of de prospectieve beteekenis van een zeker element konstant of variabel is. Hij vindt echter in tegenstelling met f^oux een variabele prospectieve beteekenis. Meende Roux namelijk, dat de ontwikkeling „mozaïkarbeid" was en dus (op grond van ongelijke kerndeeling) reeds na de eerste celdeeling van het ei, de beide onstane cellen elk een lichaamshelft als prospectieve beteekenis bezitten ; DRIESCH toonde experimenteel aan, dat alle cellen, zelfs van het blastula-stadium aequi-potentieël zijn en dus één of eenige hiervan na isolatie een geheel organisme kunnen vormen. Slechts wanneer de gastrula zich gevormd heeft, begint een zekere „mozaïkarbeid", daar entoderm en ectoderm, ook na isolatie, slechts in staat zijn ectodermale en entodermale organen te vormen. De regeneratie proeven aan TubuUaria leerden, dat, wanneer men van deze hydroidpolypen de kop afsnijdt, deze wordt geregeneerd ; echter niet door aangroeiïng, maar door omvorming van het bovendeel der stam. Hierbij kan men doorsnijden, waar men wil, telkens herstelt zich de polyp weer op deze wijze en wel vervullen telkens gelijke deelen der stam in de verschillende gevallen van doorsnijding bij de regeneratie een andere rol, de prospectieve beteekenis der verschillende deelen van dit organisme

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 29

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's