Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

2 minuten leestijd

39

(of van een embryo) noemden wij het intensiteitsverschil. Hiermede wordt tweeërlei onderscheid tusschen cellen verklaard. Aan het volwassen organisme kan een zelfde „geplaatste cel" bijv. schildkliercel (of spiercel) sterk of zwak functioneeren, d.w.z. per tijdseenheid (seconde) meer of minder produceeren. Zoo kunnen ook bij een embryo een paar cellen een gelijke „plaats" innemen en dus nog een gelijk aantal deelingen in bepaalde richting verrichten, maar deze kunnen nu bij den een, meer of minder snel, dan bij den ander op elkaar volgen. Ook dit moet men als een verschil in intensiteitsfactor opvatten. Men kan dus zeggen: de „prospectieve beteekenis" van een embryonale cel is afhankelijk van plaats- en intensiteits factor. Deze beiden bepalen dus ook de toekomstige anatomische structuur. Hebben wij echter de eerste der beide factoren gesplitst in een inwendig gegeven deel (n.l. het aantal geschiedde celdeelingen, waarvan het aantal te verrichten celdeelingen afhangt) en een uitwendig variabele factor (prikkels, hormonen), ook de intensiteitsfactor wordt door twee momenten bepaald. Hier vatten we echter het inwendig gegeven moment als heterogeen evenwicht der phasen op, daarmede bedoelende, zoowel de concentratie der stoffen, welke erin voorkomen, als de physische toestand (capillair structuur, oppervlakteverdichting, electrische lading etc.) Het uitwendig moment is voor de intensiteitsfactor hetzelfde, als voor de plaatsfactor eener cel, n.l. zuurstof warmte, voeding en stofwisselingsproducten, prikkels, hormonen etc. Erfelijk zijn dus in de kiemcel weggelegd de voorwaarden om na de eerste, tweede etc, n" celdeeling een cel te vormen, welke een bepaalde plaats en intensiteitsfactor bezit. De anatomische en physiologische eigenschappen van een organisme worden op eiken leeftijd dus bepaald door de plaatsen intensiteits factoren van zijne cellen, en de intensiteits factoren van de grondfuncties in elke cel. Nu hebben we in de grondstelling d de gedachte ontwikkeld, dat de grondprocessen van de levende substantie van alle organen en organismen uit gelijke chemische stoffen zijn ontstaan. Hiermede wordt dus nogmaals gewezen op de gemotiveerde eenheid in veelheid, waar ik nog aan kan toevoegen, dat ook de physische voorwaarden in ons organisme

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's