1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 62
54
Voert ons de leer „dat er bewustzijns toestanden Indeterminisme.
-
j
-
i - u
i i u u u
i.
zijn, die geen physisch correlaat hebben, met noodzakelijkheid tot het indeterminisme" (KOHNSTAMM blz. 25), dan is met het voorkomen van bewustzijns-toestanden zonder physisch correlaat de juist genoemde hypothese veroordeeld, want causaliteit voor hersenproceswaarnemingen moeten gedetermineerd zijn. Ook langs anderen weg komen wij tot gelijk resultaat. Als oorzaak van ons causaliteits begrip gaven wij, ogmaas ^^^^^ HEYMANS (blz. 6), het HAMILTONS principe aan. Herlezen wij" dit, zoo treft ons het eerste zinsdeel n.l. „When we are aware of something..." Dit duidt ons aan, dat we het HAMILTONS principe ook anders kunnen omschrijven. Worden ons door de ervaring bepaalde indrukken toegevoerd, die op bepaalde wijze in tijdsorde verschillen, dan zijn we „by the necessity of our intelligence, constrained to believe" . . dat hier een oorzaken reeks voorligt. Dit wil dus zeggen, dat de denkbeeldige mensch van alle zintuigelijke ervaring ontdaan, wel bewustzijn zou hebben, echter geen bewustzijn van causaliteit. Het causaliteitsbegrip is dus niet aan het bewustzijn a priori gebonden. Wel is dit met het begrip tijd het geval (KANT.) Drukken wij de idee van BROUWER, (in zijn grondslagen der wiskunde uiteengezet) zoo uit: „Ik denk =^ ik ben bewust een opvolging van tijdsoogenblikken," dan is daarmede reeds gezegd, dat de bewustzijnsgebeurtenissen voor ons wel in den tijd samenhangen echter niet causaal. Het begrio causaliteit is aan de ervaring ontleend. Onderstel dus eens, dat er werkelijk twee reeksen waren, de eene bewustzijnsgebeurtenissen, de andere hersenprocessen, dan verwachten wij voor deze laatste een causalen samenhang, voor de eerste slechts een opeenvolging in den tijd. Tusschen deze beiden kan dus geen indirect causaal verband bestaan (hetgeen de grondhypothese van HEYMANS veronderstelt). Het is de enorme beteekenis van KOHNSTAMM de gedachten van BOLTZMANN te hebben verwerkt tot toelichting der begrippen : wilsvrijheid en wonder. Verder zegt hij : „Alles in alles" is de consequentie van het causale denken, wanneer Rationaliseeren •• t, i u i . i der wereld ^'^ wereldgebeuren in oogenschouw nemen. Dit beteekent, dat het beweren, dat een mis-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's