Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 122

2 minuten leestijd

114 voor den drenkeling noodlottige meening in de wereld helpen brengen, dat die methode van kunstmatige ademhaling de beste is, welke altijd en overal, door iedereen zonder hulp kan worden toegepast. Natuurlijk zal ik niet ontkennen, dat, indien overigens twee methoden volkomen gelijkwaardig zijn, het gemak den helper mag dienen. Indien het voorkomt, dat men alleen is met een drenkeling, dan moet men zich alleen zien te redden, dat spreekt. Maar ook dan is men nog niet gerechtigd een gemakkelijk uit te voeren methode van kunstmatige ademhaling toe te passen, indien aan die methode groote gevaren kleven voor den bewustelooze. Een drenkeling heeft veel meer kans bij te komen zonder toepassing van kunstmatige ademhaling, dan onder toepassing van eene slechte methode. Toen KEITH uit de statistieken van de Royal Humane Society te Londen leerde, dat .het percentage van de overledenen toenam met de toepassing van verschillende methoden van kunstmatige ademhaling (bij tijdperken gerekend), verwonderde hem dit zeer. Wij kunnen het thans begrijpen. Op het trias van gevaren, dat door mij sedert 1908 tegen de nieuwe methoden van kunstmatige ademhaling is aangevoerd: fnuiking van het hart, verscheuring van lever en milt, uitdrukken van den maaginhoud gevolgd door verstikking of adspiratiepneumonie, wensch ik nu niet nader in te gaan ; ik meen hiervoor wederom naar mijn boek te mogen verwijzen. HOWARD is hiervoor blind geweest. Hij „werkte" op gezonde personen. Men mag dan eens een rib breken, maar tot het uitdrukken van den maaginhoud en adspiratie daarvan, tot leververscheuring of hartverlamming komt men hierbij niet licht. Een gezonde kan wat verdragen. Bij den drenkeling daarentegeiTgaat dit alles zeer gemakkelijk. Sedert HOWARD hebben de asphyctiologen — ook de Londensche Commissie van 1903 — steeds op levende personen en proefdieren geëxperimenteerd. BROSCH, LOEWY, MEYER, die de methode van SILVESTER in haar wezen als juist erkenden wat de inademing betref), gaven blijk de bovengenoemde gevaren niet te kennen, door de uitademing langs zeer onphysiologischen weg te versterken. Zij voerden de per ademhaling uitgewisselde lucht op tot 2 a 3 Liter en moeten zoodoende hun proefpersonen hebben blootgesteld aan het gevaar van akapnie. Gelukkig dat dezen het op de pijnbank niet lang konden uithouden. Maar de arme drenkeling kan niet protesteeren tegen zijne beulen,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's

1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 122

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's