1912-1913 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 41
33 d. Alle genoemde (gelijke) physiologische processen zijn tot nog eenvoudiger terug te brengen. Deze eenvoudigste grondprocessen zijn niet de stofwisseling, contractiliteit, prikkelbaarheid voor mechanische, chemische, electrische en lichtprikkels, deeling enz, maar eenvoudige chemische processen welke voor alle levende wezens in hoofdzaak, en voor organismen-families (bedoeld in directe afstamming) geheel gelijk zijn. Tot toelichting van het eerste der hier genoemde gronden hebben we reeds eenige malen gelegenheid gehad; eenige feiten mogen hier nog aan worden toegevoegd. Willen wij een bepaalden anatomischen bouw als het resultaat van de functie van de cellen verstaan, uit welke elementen deze bouw is voortgekomen ; dan moeten we het proces der celdeeling, Celdeeling van gj^ vooral de celdeeling in een bepaalde richting, p ysio . .^ oogenschouw nemen. Hebben wij bij de kritiek Eigenschap.
•" •' der ontogenetische beschouwingen van DRIESCH reeds iets dergelijks, voor de eerste deeling der kiemcel van den zeeëgel in oogenschouw genomen, wij treffen een dergelijk verschijnsel telkens aan. Wanneer we een cultuur bacteriën beschouwen, zoo zien we soms deeling plaats vinden op die wijze, dat de lengteas van dochtercel en moedercel steeds samenvallen. Soms ook zien we de splitsing juist volgens de lengteas plaats vinden. Op gelijke wijze deelen zich de cellen van een cylinderepitheel zóó, dat hunne lengteassen evenwijdig verloopen. Wij weten omtrent de oorzaken dezer deelingswetten nog zeer weinig, eenvoudig, omdat het probleem in dezen vorm nooit is gesteld. Toch zou ook dit terrein experimenteel kunnen worden onderzocht, zoowel bij eencelligen, embryonen, regeneraties, als ook bij hyperplasiën en pathologische nieuwvormingen. De ongelijke geaardheid van de begrenzingen der cel, het decrement van de kerninvloed in het protoplasma naar de buitenbegrenzing toe en omgekeerd (bij gelijke omgeving) het decrement der invloed van het medium naar het midden der cel (waardoor de kern niet aan alle zijden even sterk dezen invloed ondervindt), mede met de vaak in lengterichting geordende (capillair) structuur der cel, kunnen ons indiciën zijn, in welke richting wij naar de oplossing van het probleem moeten zoeken. Hoe dan ook; noemen wij de celdeeling een functie eener cel en Orgaan.
3
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 212 Pagina's