1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 27
19
die van het uitgesloten derde. ^) Deze treden op, wanneer er sprake is van bewustzijn (d. w. z. van gewaarwordingen, door ons in den tijd gerangschikt). De veelheid en ongelijkheid van de verschillende begrippen in onze bewustzijnsinhoud zijn echter eerst dan aanwezig, wanneer er sprake is van ervaringen eener (hoe dan ook gedachte) werkelijkheid buiten ons. Bestaan er echter voor de wereldziel buitenbewuste realiteiten, waardoor de veelheid en ongelijkheid van diens bewustzijnsinhoud kan zijn onstaan ? Zooals we reeds opmerkten, laat niet alleen de opvatting, dat er een veroorzaken (ook in de werkelijkheid) bestaat, toe, dat men ook van spontaneïteit kan spreken, maar we zagen zelfs, dat de meening, dat er in de werkelijkheid van een bewerken sprake is (dus van verandering) absoluut eischt, dat men ergens een spontaneïteit veronderstelt, d. w. z. in de dingen, bulten de dingen of in den aanvang daarvan. Het behoeft geen betoog, dat op deze wijze een ander licht valt op de oude strijdvraag omtrent de wil en de wet van oorzaak en gevolg. Vervolgen wij de wilsverschijnselen iets verder, dan zullen wij zien, dat juist in hare spontaneïteit het kenmerkende van eene omvorming volgens aequivalentie wordt teruggevonden. Wanneer een zekere prikkel ons treft, zoo bepaalt onze persoon welk gevolg hieruit zal voortvloeien en wij hebben a priori het gevoel der (beperkte) wilsvrijheid in ons, n.l. de zekerheid in bepaalde gevallen te beslissen, welk effect door ons gelijkwaardig wordt gesteld aan een zekere oorzaak. Wel kunnen wij bij elk wilsbesluit een toestand van ons bewustzijn vinden, welke daaraan voorafging. Dit is zeer natuur•lijk, omdat ons bewustzijn aan den tijdsvorm onafscheidelijk is verbonden; maar het meest kenmerkende blijft, dat wij meenen de onderlinge waarde-verhouding van oorzaak en gevolg zelf te hebben bepaald. ~) Deze bepaling is er echter een, welke eerstens afhangt van onze geaardheid en ten tweede van het door ons beoogde doel. Wij meenden nu op grond van onze beschouwingen te moeten veronderstellen, dat de ongelijke dingen, welke uit elkaar voortko') Er is een verschil en overeenkomst tusschen het besluit, dat het één uur slaat, omdat het twaalf uur geweest is; en het besluit, dat het glas verbrijzeld is, omdat er een steen op gevallen is. ^) Terecht blijven echter de woorden van Schopenhauer: „De vrijheid is. een mysterie".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's