1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 37
29
Wat nu het ontstaan der organismen uit het ei, de ontogenese, betreft, hierbij hebben wij reeds ineen vroeger opstel uitvoerig stilgestaan. Ook hier geldt het weer, dat de eenige redelijke oorzaak voor alle ontwikkeling God is. Door Hem zijn wij als borduursels gewrocht, in 't verborgene gemaakt ^). Het blijkt echter, dat bij deze formatie van het lichaam bepaalde regels gevolgd worden, welke afhankelijk zijn, eenerzijds van de samenstelling van het ei, anderzijds van de invloeden uit de omgeving. Daar men het een, zoowel als het ander stof noemt, kan men terecht zeggen, dat het lichaam uit stof geformeerd is. Het wonderbaarlijke is juist het samentreffen van die causale reeksen, waardoor de oneindig gecompliceerde organisatie tot stand komt. De ontogenese als natuurphenomeen geschiedt door Gods Kracht, Zijn doel verwezenlijkend. Wanneer dan ook een stoornis in een ontwikkelingsproces optreedt, zoo kan men van uit een vitalistisch standpunt zeer moeilijk een verklaring vinden voor het effect, dat ontstaat. Wanneer bijv. STOCKARD vond, dat vischeieren (Fundulus) door toevoeging van geringe hoeveelheden magnesiumchloride aan het water zich zóó ontwikkelen, dat de beide oogen in de middellijn van den kop kunnen versmelten en een cyclops ontstaat, dan tracht de bioloog terecht deze, in tijd en ruimte sterk gescheiden oorzakelijken, samenhang terug te brengen tot een reeks causale verschijnselen, welke in tijd en ruimte directe aansluiting bezitten. Een vitalistische verklaring zou zóó moeten zijn, dat de inwerking van het zout op het ei een indruk geeft in de entelechie, welke krachtens zijn wezen daarop antwoord met een ordenend ingrijpen op de stoffelijke processen der ontogenese. Men spreekt dan van een „organisatorisches Bewusstsein" ~). Het komt mij echter voor, alsof het vitalisme hier aan de entelechie eigenschappen toeschrijft, welke zij alleen kan bezitten indien de entelechie óf het doel overzag van een dergelijk gestoorde ontwikkeling óf de gebeurtenis ondoelmatig zou laten verloopen. Met recht er is geen „finalité parement interne", en krachtens onze beschouwingen moeten wij bij elk causaal gebeuren een doel (logischen grond) als achtergrond veronderstellen en daar het duidelijk is, dat in ')
Psalm 139, v. 15.
^)
C. K. SCHNEIDER
I.e.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's