Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 48

2 minuten leestijd

4Q een kern van waarheid bevatten. Men zou namelijk alleen te doen hebben met de genezing van een gewonen zieke ten gevolge van een bijzondere psychische kracht, een buitengewone suggestie, die van den Heere Jezus uitging. De voorstelling, dat de zieken door den duivel bezeten waren, zou dus eigenlijk op een dwaling berusten, waaraan de Heere zelf ook niet vreemd zou zijn. Deze opvatting wordt echter door den schrijver met kracht bestreden en hij wijst er met nadruk op, dat het voor den Heere Jezus niet mogelijk was op deze wijze te dwalen. Er staat toch geschreven, dat Hij de waarheid en het leven is en hoe zou Hij dan naar Zijne goddelijke of menschelijke natuur kunnen dwalen ? De schrijver houdt dan ook vast aan het denkbeeld, dat de Heere de bezetenen inderdaad genezen heeft door de duivelen uit te werpen. Anderen meenen, dat de Heere Jezus wel degelijk heeft geweten, dat de zieken niet door den duivel waren bezeten. Hij zou zich echter van dergelijke uitdrukking hebben bediend om door het volk goed begrepen te worden. Door zich aan eene algemeene dwaling aan te sluiten, heeft hij zich aan zijn omgeving geaccommodeerd. Men spreekt dan ook vaak naar den uiterlijken schijn van de dingen om de menschen te overtuigen en dit doet ook de Heilige Schrift. Er staat toch geschreven, dat de zon opgaat over boozen en goeden en Christus zelf wees er op, dat het tarwegraan in de aarde valt en sterft. Iedereen weet, dat dit maar schijn en geen werkelijkheid is. Het was ook de gewoonte ten tijde van den Heere Jezus om. het genezen van een zieke te noemen het uitgaan van den duivel. Nog heden ten dage bestaat eene dergelijke opvatting bij vele heidensche volken (en zelfs in onze naaste omgeving is zij niet geheel verdwenen. Ref.) Het behoorde eigenlijk niet tot de taak van den Heere Jezus om tegen deze algemeene dwaling in te gaan en een juiste voorstelling daarvoor in de plaats te geven. Ook deze opvatting wordt door den schrijver bestreden, al moet hij toegeven, dat op verschillende plaatsen melding wordt gemaakt van de genezing der bezetenen. Men moet daarbij in aanmerking nemen, dat niet zelden bezetenen met zieken samen worden genoemd. Ook zijn vaak de verschijnselen der bezetenheid vrij wel dezelfde als die van sommige ziekten, zooals hysterie, epilepsie, melancholie e.a.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's

1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 48

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 178 Pagina's