1914-1915 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 55
47 teekenis heeft en spreken daarom gaarne van profetische droomen. Straks komen wij hierop nog nader terug bij de bespreking van de droomen in de H. S., maar thans volgt toch reeds een enkel woord over dit onderwerp. Merkwaardig is in dit opzicht de volgende droom, die reeds door CICERO wordt verhaald. Twee Arcadiërs, vrienden, reizen naar de stad Megara; de een logeert bij familie, de ander gaat in een herberg. De eerste, nauwelijks in slaap, droomt dat zijn vriend hem te hulp roept, daar de herbergier hem wil vermoorden. Hij schrikt wakker, maar bewust, dat het een droom is, slaapt hij weer in. Opnieuw verschijnt zijn vriend hem in den slaap en zegt hem verwijtend, dat nu hij hem niet geholpen heeft, hij hem smeekt zijn dood ten minste niet ongestraft te laten, dat de herbergier zijn lijk op een wagen heeft geworpen en met mest bedekt heeft om aldus zijn lichaam morgen vroeg de poort uit te brengen. Zijn vriend staat hevig ontsteld op en zorgt des morgens vroeg aan de poort te zijn en ziet weldra den wagen ; hij vraagt den geleider wat er in is, maar deze kiest het hazenpad; men vindt bij het onderzoek het lijk en de moordenaar wordt gestraft. In een artikel over voorspellende droomen vermeldt STIGTER verschillende meer dergelijke voorbeelden, maar hij wijst er toch op, dat €en vereeniging als the Society for psychical research bij een opzettelijk daartoe ingesteld onderzoek slechts weinige droomen van dezen aard kon verzamelen en "de meeste lieten zich dan nog vrij goed langs natuurlijken weg verklaren. Het is echter geheel iets anders, wanneer men naar aanleiding van bepaalde droomen zekere voorspellingen doet, want het inzicht en de scherpzinnigheid van den uitlegger spelen dan een groote rol. Men beweegt zich hier eigenlijk meerop het gebied der waarzeggerij en dan is de moeilijkheid, dat bijna nooit twee waarzeggers precies hetzelfde zeggen. Een typisch voorbeeld daarvan vindt men weer bij CICERO. Een jonge vrouw, die zeer naar een kind verlangde, droomde, dat haar lichaam verzegeld was. Zij ging met dien zonderlingen droom naar een uitlegger, die haar verzekerde, dat zij nooit op kinderen had te hopen, want haar lichaam was gesloten. Wanhopig gaat zij naar een tweeden droomuitlegger, en deze zeide : er is geen twijfel aan, gij zijt zwanger, want ik heb nog nooit ontmoet, dat men iets verzegelt, waar niets in zit. Opmerkelijk is, dat men bij angstige droomen, soms de overtui-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1915
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 198 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1915
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 198 Pagina's