1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 26
18 schrijft Ds. PiERSON in Org. Vlll: „Weet men toch, dat de heele vaccinekwestie een zuivere kwestie van ondervinding (empirie) is en met de medische wetenschap als zoodanig feitelijk niets te maken heeft." Welnu in zijn proefschrift „Het bedrijf der Koepokinenting" schrijft Dr. MERENS in de inleiding „geheel en al overtuigd te zijn van het onberekenbaar groote nut der koepokinenting" en deelt hij de bestrijders in twee partijen: Ie de tot oordeelen volstrekt onbevoegden, 2e de ziende blinden, die tegen beter weten in, niet willen medegaan. In zijn proefschrift zelf zegt Dr. M.: „zich te beperken tot het wijzen op het bestaan der verschillende vraagstukken" en „tot het aantoonen van hun belang voor theorie en praktijk, daarbij tevens, zoo mogelijk, den weg aanwijzend, waarlangs misschien hun juiste beantwoording zou zijn te bereiken." Wel zegt Ds. P.: „Maar hoe is 't nu mogelijk, dat iemand, die „zoo mogelijk" den weg wil aanwijzen, waarlangs misschien de juiste beantwoording van vraagstukken te bereiken zou zijn, kort daarop uitroept : ik ben geheel en al overtuigd van het onberekenbaar groote nut der koepokinenting ? Vooraf wordt al iets vastgesteld waaromtrent men in vele opzichten in het duister verkeert. Zoo iemand noemt zich : de tot-oordeelen-volstrekt-bevoegde ; hij is niet ziende-blind, noch hoorende doof. We vermoeden, dat de heer MERENS wellicht tot dit epitheton ornans voor zijn tegenstanders is gekomen omdat hij op dit oogenblik zelf gevoelde, dat het op hem zelf van toepassing was." Van Ds. F. mag ik aannemen dat hij weet, dat het nut van een zaak vast kan staan, maar dat over de theoretische en technische zijde daarvan nog verschillen mogelijk zijn, vooral waar dit door Dr. MERENS zelf zoo scherp wordt onderscheiden, dus dat Ds. P. tegen beter weten in Dr. MERENS met zich zelf in tegenspraak brengt. Erkent Ds. P. dit onderscheid niet te kennen, dan is duidelijk dat Ds. P. een eereplaats toekomt onder „de volstrekt tot oordeelen onbevoegden." In Org. XXXVl, wordt hier en daar zooals Dr. MERENS reeds verwachtte uit zijn proefschrift gehaald, wat Ds. P. van zijn gading vindt. Natuurlijk wordt de rest van het Org. weer gevuld met: „Het Engelsche Minderheidsrapport" en komt Leicester weer ter
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's