1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 106
98
steeds plaats vinden zoodra de mogelijkheid zich voordoet en «en stabieleren toestand kan worden bereikt. Het onderzoek is nu zoover gevorderd, dat men door interessante ontdekkingen tot de kennis kwam, hoe de materie bij alle veranderingen aan waarde verliest, althans door emanatie voortdurend een deel der stof voor onze methoden van onderzoek verloren gaat. Deze ontdekking kwam niet uit het vernuft der geleerden, doch bij proefnemingen met radium. Spoedig daarna leerde men de transmutatie der elementen kennen, waardoor bijvoorbeeld uranium na het verlies van helium-atomen verviel tot het lichter radium €n lood; radium en lood zijn dus materievariaties, welke door afsplitsing van helium-atomen uit uranium ontstonden (zie de literatuur over radium en over de entropie, de transmutatie der elementen en verder bij LE BON en BRUNHES). Wanneer wij van de anorganische natuur overgaan tot de organische natuur, betreden wij een belangwekkend, gebied, waarin menig geleerde ijverig bezig is om de algemeen als bestaand aangenomen grens uit te wisschen, ten einde een sluitsteen te vinden voor -een zoodanige eenheid der natuur, waardoor zij uit eigen ontwikkeling zou kunnen worden verklaard. Men is hierin nog niet geslaagd, ten spijt van den ophef, welke met de vinding der zoog. vloeibare kristallen, analysen en synthesen werd gemaakt. De vage speculaties, die uit de zeer onvolledige laboratoriumresultaten voortkwamen, verliezen natuurlijk eiken grond van redelijkheid bij de afwezigheid van een natuurlijke progressie. De studie van dit grensgebied brengt ons een voorbeeld hoe geleerden hier te werk gaan. Sommigen nemen aan, dat zaden, welke drie weken lang in vloeibare lucht en 77 uren in vloeibare waterstof werden gehouden en daarna IV2 tot 2 jaren in het luchtledig werden bewaard, als absoluut dood moeten worden beschouwd. Toen daarna deze zaden en sporen na het uitzaaien nog konden kiemen, verklaarde men levenlooze stof in levende te hebben omgezet! (LOTSY p. 95). Over het kenmerkend onderscheid tusschen het organische en het anorganische vond ik in de diss, van Dr. KRAMER een kort overzicht der verschillende theorieën. Het werd door OSTWALD •energetisch gekenmerkt in de „Fahigkeit der Selbsterhaltung" bij het organische, zelfs ook wanneer de omgeving verandert. Deze eigenschap zou door een hypothetische „Energiestrom"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's