Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 111

2 minuten leestijd

103 Met de palaeontologische vondsten kunnen wij een zeer goeden stamboom samenstellen (fig. 1), en wanneer de standaard-studie van DOLLO nauwkeurig wordt vervolgd, alle speculaties met hypothetische vormen of willekeurig naar een vooropgestelde theorie aangenomen verhoudingen over boord gaan en wij ons strikt houden aan de feiten, welke de natuur geeft, zoo kan de conclusie van de geslachts-evolutie der longvisschen als volgt luiden : De vinnen zijn successievelijk gereduceerd tot een smallen huidzoom bij de nu levende Lepidosiren en gaan verloren. De staartvin is, evenals bij andere vischsoorten, van een heterocerke vin tot een homocerke en gephyrocerke staartvin gereduceerd. De schubben worden zwakker en de glanssubstantie gaat verloren. In den loop der ontwikkeling hebben zij hun kopschild verloren. De vezelige band met een aantal beentjes, die onder de oogen voorkwamen, gaat met de ontwikkeling verloren. Het kieuwdekselapparaat gaat langzamerhand verloren. De keelplaten gaan eveneens verloren. De tanden van de ktenodonte Dipneuer gaan van een volmaakt apparaat bij de oudste soorten over in een uiterst gebrekkig orgaan bij de jongste soorten. De tanden-degeneratie verliep opvallend duidelijk van URONEMUS af tot de jongste soorten. Dit opvallend verschijnsel ontlokte aan ABEL, in zijn bekend werk, de kortbondige logica, dat URONEMUS geen voorganger van CERATODUS kon zijn volgens de wet van DOLLO en van de specialisatie-kruisingen. Verder wordt daar niet op ingegaan. Een kenner dier wetten gaat aan zichzelf twijfelen, doch als hij deze bewering nader onderzoekt komt iets onbegrijpelijks voor den dag. Want hoe deze wetten iets met die tandenquaestie te maken hebben is een raadsel. DOLLO's wet zegt namelijk zeer juist, dat iets wat in de evolutie gedeeltelijk of geheel verloren gegaan is, nooit meer in de oude waarde en grootte terug kan komen, terwijl DOLLO op pag. 84 schrijft: „non seulement Ie Dipneuste Ie plus ancien serait Ie plus specialise, mais la specialisation irait regulièrement en croisant pour Ie groupe antier au fur et a mesure qu'on s'enfonce dans les terrains." Mogelijk bedoelt ABEL dat de tandendegeneratie voortkwam uit kruisingen met oudere tandenlooze Dipneuers, maar deze kent men niet. Dit voorbeeld kan ons dus op dubbele wijze dienen. De verschillende etappen, waarlangs de evolutie

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's

1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 111

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's