Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 95

2 minuten leestijd

87

Betoog. 5. De huidige stand der natuurwetenschap leert ons dat de materie en het leven in de voorhistorische- en tegenwoordige natuurontwikkeling, zoover dat gedurende of na de scheppingsdagen door de bestaande wetten zijn geleidelijken voortgang vond en natuurkundig onderzocht werd een direct of indirect degeneratie/ karakter draagt. ^) De descendentie-leer kan dus in de gangbare beteekenis niet worden aanvaard, want hierin wordt op velerlei wijze een descendentie bedoeld, waarbij een feitelijk niet bestaande natuurlijke progressie zou plaats hebben. 6. Bij een natuurkundige verklaring van den opbouw der wereld, zooals hij zich in de opeenvolgende, plotselinge verschijningen van nieuwe en kunstiger samengestelde objecten toont, is het dus noodzakelijk een onstoffelijke, scheppende macht aan te nemen. Ofschoon wij daarmede het bestaan van God naar ons Christelijk belijden niet kunnen bewijzen, zoo vinden wij daarin toch een onafwijsbaren eisch, om ons scheppingsverhaal te blijven belijden. De descendentie-leer sluit in haar gangbare beteekenis geen onstoffelijke oorsprongen uit, doch heeft de strekking het bewijs van hun bestaan naar het rijk der meer of minder gelukkig opgestelde palaeophantasie te verplaatsen, terwijl daardoor het scheppingsverhaal der H. Schrift in zijn historische beteekenis bijna volkomen wordt ondermijnd, facultatief gesteld en verworpen. Het onderscheid tusschen de hier genoemde twee diametraal over elkander staande verklaringen van het voortbestaan der wereld, ligt in het gebrek aan eenig bewijs voor de natuurlijke progressie en in het dwingend karakter van het feitenbewijs voor het natuurlijk verval, terwijl de strijd op toegankelijk gebied en met bekende wapenen kan worden beslist. 7. Een uitzondering op de degeneratieve evolutie wordt gevonden in de geschiedenis van de ontplooiing der gave des menschen, in het zich dienstbaar maken der natuur, zoover zij ') Voor het woord degeneratie! zal het woord ontwaardend worden voorgesteld.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's

1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 95

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's