1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 70
62
aan te prijzen en dat is de gewetensdwang die op sommigen hierdoor wordt uitgeoefend." (pag. 174). 3e. „Een derde grond is er nog waarom de staat met dwingend gezag kan optreden, een grond dien wij in verband met hetgeen in het eerste hoofdstuk gezegd is ten aanzien van de roeping van den staat, eenvoudig kunnen omschrijven als de taak om de gevaren in de samenleving liggende uit den weg te ruimen." „Positief maakt de staat zich meester van de voorwaarden van het gezonde leven ; negatief verwijdert hij de gevaren. Zooveel mogelijk de ziekte te voorkomen, daarom is het te doen en nader omschreven we de staatstaak als daar aan te vangen, waar de individu zichzelf niet helpen of verweren kan. Staat het dus vast 'dat de niet-ingeënten voor de ingeënten gevaar opleveren, dan vangt derhalve hier de taak van den staat aan, om de nietingeënten tot inenting te dwingen." (pag. 175). Eenmaal het recht van dwang vastgesteld zijnde, komt de vraag aan de orde naar den vorm en omvang: De dwang toch kan zijn direct of indirect. Welke vorm van dwang de staat nu kiest is volgens Mr. DICKE „een kwestie van practische politiek, die voor verschillende landen verschillend zal moeten beantwoord worden." Met het oog op wat in Engeland gezien wordt, zou Mr. DICKE het betreuren indien de staat hier tot den directen dwang zou overgaan en zoo onmiddellijk de persoonlijke vrijheid ging aantasten. „Want of het Nederlandsche volk zou zich in 't eind neerleggen bij zulk een maatregel hetgeen een concessie was aan een wijze van regeeren die verderfelijk en krenkend is voor het gevoel van persoonlijke vrijheid, of, en dit is wel het waarschijnlijkst, er zou een lijdelijk verzet, zoo niet erger gekweekt worden dat tenslotte niet dan nadeelig op het gezag van den staat zou terug werken (pag. 181). Nagaande de pogingen om de staatsrechterlijke zijde van het probleem op te lossen, blijkt, dat zij, die tegen den dwang reageeren, geen onderscheid maken tusschen den directen en indirecten dwang, en uitgaan van een foutieve voorstelling over de beteekenis der vaccinatie, terwijl de jurist, die den indirecten dwang verdedigt, niet staat op anti-revolutionair standpunt. Nu is de vraag zooals ze door Prof. FABIUS gesteld wordt, n.l. „of
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's