1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 65
57 Het geldt de vraag, of de Staatsbemoeiing op het stuk der geneeskunde, waarvan elk lid de onvruchtbaarheid betreurt, nog op gelijken voet zal worden uitgebreid. Het geldt de vraag, of de machtsbeschikking van den Staat zich, zonder uitdrukkelijke aanwijzing in de Grondwet, ook uitstrekt over den persoon en het lichaam van den burger. Eindelijk het geldt het gewichtigst vraagstuk van alle vragen: in welke verhouding de Staat zich heeft te plaatsen tegenover de conscientie ?" (pag. 856). Met hoeveel talent ook geschreven, afdoende zijn deze artikelen allerminst. Foutief toch is de voorstelling van de medische zijde van het probleem, en mede daardoor komt ook de staatkundige zijde niet tot zijn recht. Reeds toen — laat staan thans — was de voorstelling, alsof het nut der vaccinatie nog dubieus was, en het oordeel van de eene helft der geneeskundigen stond tegenover dat der andere helft, onjuist, integendeel schier nergens is het oordeel der geneesheeren zoo eenstemmig. Daarmede vervalt het bezwaar dat de Staat geen partij mag kiezen in wetenschappelijke vragen. Ook wordt door DR. KUYPER miskend het gevaar dat ook de gevaccineerden loopen, door hen, die niet gevaccineerd zijn. Wel lijkt het klemmend te zeggen: „van tweeën één óf men gelooft niet aan de onfeilbaarheid van het middel, óf het is overtollige arbeid, door te beschermen tegen een kwaad, dat op hen dan immers geen vat meer heeft," doch ieder terzake deskundige vi^eet, dat de quaestie zoo niet staat. Niemand gelooft aan de onfeilbaarheid, wel aan de deugdelijkheid. Niettegenstaande de deugdelijkheid blijft de gevaarlijkheid voor gevaccineerden, zij 't dan ook in veel verminderde mate. Doordat het dilemma verkeerd gesteld is, is ook het staatkundig gedeelte niet tot zijn recht gekomen, n.l. het geldt de vraag wat de taak der Overheid is tegenover gevaren, waartegen men zich zelf niet, althans niet in voldoende mate, kan beschermen. Ten slotte werd door DR. KUYPER geen onderscheid gemaakt tusschen den directen en den indirecten dwang. Vooral voor hen, die conscientie-bezwaren hebben, is dit onderscheid in dwang Orgaan 1915116
5
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's