1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 64
56
„Het brengt ons een merkelijke schrede verder op den weg, die aanbidding van de Almacht Gods achterstelt voor aanbidding van het Staatsalvermogen, en de spil van ons Staatsbeleid voor elks oogen doet afglijden naar de gleuf van volksmacht en menschelijke zelfgenoegzaamheid. Het ontneemt aan onze onderwijzers een deugdelijk en weiverworven recht, waaraan niets minder hangt dan hun levensexistentie. Het verzwaart nog eens met merkelijk wicht den looden last, waarmee de moderne Staat goedvond het vrije onderwijs in Nederland te bezwaren. Het voert voor het eerst in Nederland den averechtschen regel in: dat een beschaafd volk de kinderkens niet naar de school lokken, maar ze er uit weren moet. Last not least. Het stelt een hoogst ernstig precedent, dat de grens der conscientie heeft opgehouden een heilige grens te zijn voor den Nederlandschen Staat" (pag. 853). In „conscientie-vrijheid" komt Dr. K. daarop terug. „Eerbiedig de conscientie onvoorwaardelijk en onverbiddelijk, en ge wint voor uw nationale leven een zedelijk krachtsbesef, dat u het verlies van een hygiënisch voordeel duizend werf vergoedt. Eerbiedig de conscientie, tot zoolang ze niet door schending van de eeuwige wet der zedelijkheid toont geen conscientie meer te zijn, en de Staat zal juist door zelfbeperking van eigen macht een verdubbelde macht in de geestelijke zelfstandigheid zijner burgers winnen, die zijn naam en eer verhoogt. Dat nu wilde Spanje niet, en ALVA niet. Daartegen verzette zich de Inquisitie. Haar leus was: het belang van het algemeen mag niet wijken voor de afdolingen van den enkele, zelfs niet al hangt die dwaling met de conscientie saam." Wat het belang van den Staat eischte, wat dwaling was, stond ter beoordeeling aan den machthebbende alleen 1 (pag. 854). „De gewichtigste vraagstukken van staatsrecht zijn in het spel. Het geldt de vraag, of de Staat als zoodanig een geneeskundige dogmatiek sanctioneeren mag. Het geldt de vraag, of eenige wetsbepaling terugwerkende kracht kan erlangen, om een welverworven recht te vernietigen. Het geldt de vraag, of een artikel der Grondwet, in casu artikel 194, door organieke wetsbepaling mag worden beperkt, tegen zijn letterlijken en historischen zin.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 142 Pagina's