Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1916-1917 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 42

2 minuten leestijd

30

Zuid-Holland 1059, Utrecht 1042, Groningen 1022, Zeeland 1014, Noord-Brabant 1003, Friesland 991, Gelderland 983, Overijsel 973, Limburg 965, Drente 913. Dit laatste cijfer berust waarschijnlijk op een rekenfout; bij een controle mijnerzijds heb ik voor al de provinciën dezelfde cijfers gevonden als door VERRIJN §TUART opgegeven, doch voor Drente 924 in plaats van 913. Men behoeft het zoo juist genoemde lijstje slechts even in te zien om dadelijk den indruk te verkrijgen, dat de hooge vrouwenoverschotten in verband staan met de concentratie der bevolking in de groote steden, want het zijn juist de beide Hollanden, Utrecht en Groningen, de provinciën, waarin de grootste steden liggen en de stedelijke bevolking een groot percentage vormt van de totale provinciale bevolking, welke door hooge vrouwenoverschotten zijn gekenmerkt. Om dit punt nog duidelijker te doen uitkomen heeft VERRIJN STUART het volgende tabelletje gegeven : Gemeenten met meer dan 100000 inwoners 1107 vrouwen per 1000 mannen 20001 — 100000 „ 1072 5001-20000 „ 987 5000 of minder „ 963 „ „ „ „ Het scheen mij gewenscht de geslachtsverhouding te becijferen voor kleinere groepen dan zoo juist zijn vermeld; voor een meer volledig inzicht in den aard en de beteekenis der factoren, welke hier werken, kan een nadere onderverdeeling slechts dienstig zijn. De gemeente kan hierbij bezwaarlijk als eenheid gelden omdat er zoo buitengewoon veel kleine gemeenten bestaan met een geheel onbeduidend bevolkingscijfer en waar door toevallige omstandigheden, als bijv. de plaatsing van deze of gene verplegingsinrichting, lichtelijk cijfers verkregen worden, welke zonder nadere analyse op een dwaalspoor zouden kunnen leiden. Teneinde voldoend betrouwbare verhoudingscijfers te verkrijgen zijn de kleinere gemeenten tot groote complexen samengevoegd en is daarbij, zooals door mij reeds is geschied voor mijne studie over de oorzaken der krankzinnigheid, verschenen in het Maandblad voor het Krankzinnigenwezen, jaargang 1916,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1917

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 98 Pagina's

1916-1917 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 42

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1917

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 98 Pagina's