1921 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 53
41 onderstellen, dat deze in de jaren der puberteit reeds betrouwbaar en onveranderlijk vastliggen ? 3 zijn ze ontwikkelbaar; hoever gaat dan die ontwikkelingsmogelijkheid der aanwezige eigenschappen en in hoeverre kunnen nieuwe eigenschappen verworven worden ? 4 wat is de invloed van het milieu ? Blijven er ten slotte niet allerlei kleine invloeden — onnaspeurbaar, maar groot van gevolgen — die door geen persoonsbebeschrijven kunnen worden vermeld, die door geen experiment kunnen worden te voorschijn gehaald, en die toch de persoonlijkheid, ondanks alle goede bedoelingen, in een zeer bepaalde, maar voor de omgeving verrassende richting drijven, waarin niet de uitstekende eigenschappen, niet de hoogste vaardigheden, niet de talenten, die persoonsbeschrijving en experiment vermeldden, het succes bepaalden; maar zeer middelmatige eigenschappen en vaardigheden, tezamen met die kleine onnaspeurbare invloeden, den drager dier middelmatige eigenschappen toch tot een in zijn milieu in zijn soort groot man maakten ? En vervolgens: veel beroepen kunnen zonder eenig bezwaar, als eenmaal een zekere routineering is ingetreden, als de dagelijksche gang van zaken is ingeloopen, ook door hen, die in geschiktheid feitelijk iets te kort kwamen, vervuld, en dat goed vervuld, worden. Routine kan gemis aan aanleg vergoeden, is meermalen zelfs van hooger waardij. Er is gevaar, dat zekere bronnen van persoonlijke energie niet zullen worden aangeboord, als de strijd om zelf te komen, waar men zijn bestemming vermoedt, uit den weg wordt geruimd en 't alles gaat langs aangewezen wegen. Ook met het nemen en overwinnen der hindernissen groeit de energie; het heilig moeten is een machtige factor. Evenmin mag het aanpassingsvermogen onderschat worden. En veler blik kreeg ongetwijfeld eerst die wijdte van inzicht, waardoor zij op rijperen leeftijd opvallen en om raad, om hun oordeel, gezocht worden, doordat zij 't eerst in een verkeerde richting zochten, maar van beroep veranderden, misschien zelfs meer dan eenmaal. Terwijl er anderen zijn, wier aanleg zoo veelzijdig is, dat ze eerst later komen tot het beroep, waarin zij hun roeping, hun gewijde neiging vinden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1921
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 104 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1921
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 104 Pagina's