Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1922 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 130

Bekijk het origineel

1922 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 130

3 minuten leestijd

104

bruikelijken zin vermoedelijk als organen van een überindividu" kunnen worden beschouwd. Wat Kant relatieve doelmatigheid noemde, bijv, het bestaan en het zóó-zijn der planten ,,voor" de dieren, der dieren ,,voor" den mensch, blijft volgens D r i e s c h aan het uitwendige hangen. Wie het doel van het levende in een immaterieele toekomstige toestand van de levens-totaliteit ziet, zal van een beslaan der planten ,,voor" de dieren evenmin kunnen spreken, als van een zijn en zóó zijn van het hart ,,voor" de lever, Harl en lever zijn er veel meer beiden tegelijk ,,voor" het individueelc geheel, eikenboom en mensch zooals zij zijn ,,voor" het (onbekende) ,,uberindividuelle Ganze", B e c h e r ^) heeft in zijn theorie van het ,,überindividuelles Seelische" een gelijksoortige gedachte uitgesproken, naar aanleiding van de doelmatigheid van vreerade soorten voor elkander, die hij in de empirie meent te vinden. Hier vooral wordt het duidelijk, hoe moeilijk het zal zijn, om het boven-individueele als een zelfstandig natuur-zijn op te vatten. De voorstelling van een ,,inwoning" in de verschillende individuen (in engeren zin) voert tot de pantheïstische beschouwingen van B e c h e r. Toch laat ihet zioh niet ontkennen, dat de individuen (in al hun eigenschappen) zich kenmerken ook door een relatie tot een ander doel dan het eigenlijk individueelc (nl. te blijven wal hel is). Juist deze verbinding van velerlei betrekkingen tot velerlei doeleinden en wel hiel in statischen, maar in dynamischsn, actieven, zin, is het diepste probleem, dat de biologische ervaringswetenschap aan hare wijsgeerige beschouwing voorlegt. Juist omdat het tot het ,,wezen" der organismen behoort, dat hunne activiteit zich richt op meerdere doeleinden, is het zoo noodig, dat wij omtrent het individualiteitsbegrip een diepere analyse doorvoeren. De onmogelijkheid om met een onpersoonlijk ,,überindividuelles Seelisches" het individueele te begrijpen") komt wel ten duidelijkste uit, zoowel bij B e c h e r als ook bij F o r e l en ten slotte ook bij H e y m a n s. Slechts een ideologische beschouwing, die niet vervalt in de voorstelling van een ideeën-rijk, waarin de ideeën als zelfstandige eenheden worden aangezien en anderzijds niet verstart in een causale reeks van ,,formae" zou hier een uitkomst kunnen geven en aan het bijzondere en algemeene, aan de organische ,,eenheid" der geheele natuur en zijn individueele verbijzondering recht kunnen verleenen. Dat ^) Becher. Die fremddienlichc Zweckmassigkeit der Pflanzengallen. ^) Wassman's kritiek (Die Gastpflcgc der Amcisen, Berlin 1920) is niet altijd steekhoudend. ,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1922

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's

1922 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 130

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1922

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's