1929 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 44
3'6 lezing zagen, maar zij blijft aan zich zelf overgelaten op haar wijze bestaan en schrijdt zonder tegenweer te ontmoeten voort. In het verloop van deze ziekte-processen is van een doelmatigheid niets te bespeuren : het heeft voor het organisme geen zin, dat de stikstofverbindingen in den vorm van urixiezuur worden neergeslagen, zooals bij de jicht; dat de suikers niet verbrand en dat ze zonder gebruikt te zijn met de urine weer uitgescheiden worden, zooals bij de suikerziekte; dat de vetten niet verbrand, maar op ziekelijke wijze opgeslagen worden : hier zisn wij belangrijke levensverrichtingen uitvallen zonder dat dit een doel verraadt en zonder dat er van een opheffen der bezwaren, die dit uitvallen tengevolge heeft, sprake is. Iets dergelijks nemen we ook waar bij de gezwelvorming en hierbij nu ben ik genaderd tot de laatste groep, waarbij het zoo noodzakelijke evenwicht in revolutionairen zin verbroken is. We onderscheiden goedaardige en kwaadaardige gezwellen. Tot de laatste behooren de kanker sn het sarcoom. Beide, zoowel de goedaardige als de kwaadaardige gezwellen, hebben hun ontstaan daaraan te danken, dat op een bepaalde plaats zich enkele cellen uit hun verband met de andere losmaken en dan gaan woekeren. Bij de goedaardige gezwellen blijft nu de groei in zekeren zin beperkt; ze houden zich als het ware aan hun eigen terrein; andere organen en andere weefsels laten ze ongemoeid; de bezwaren, die zij geven, zijn meestal van kosmetischen of mechanischen aard. De kwaadaardige gezwellen daarentegen kennen geen grenzen; deze dringen door alles heen; geen orgaan, in hun buurt gelegen, dat ze niet aanvreten of verwoesten. Bovendien kunnen zij zich langs den weg van het bloed of van de lymphe gemakkelijk verplaatsen. Cellen, die van het kankergezwel losgeraakt en in het bloed gekomen zijn, worden meegevoerd naar verafgelegen lichaamsdeelen en zetten zich daar vast om ook op die plaatsen hun vernietigend werk te beginnen. Zoo kan het tot een uitzaaiing van kankerkiemen in het Hchaam komen : het lichaam is „verkankert". Maar, goedaardig of kwaadaardig, het gezwel is, hoezeer het een vermeerdering van weefsel beteekent, van biologisch standpunt bezien, geen winst Men heeft met een groei te maken, maar deze groei past niet in het organisch geheel van het organisme. Het gezwel is een gevolg van het feit, dat de harmonische samenwerking, die er tusschen de cellen aanwezig was op de plaats, waar het gezwel ontstond, geheel verbroken is. We hebben met een revolutie
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 98 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 98 Pagina's