1931 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 37
35 We zijn nu genaderd tot de negatieve plichten, waarvan thans om de actualiteit alleen punten 1 en 2 besproken worden. De overige punten kunnen zeker in hoofdzaak onze instemming hebben, al moge ook, waar Prof. Kouwer in Ned Tijdschr. 1928 I, bldz. 365, op wijst, de redactie der plichten, zooals Pinkhof die gaf, hier en daar tot merkwaardige vragen aanleiding kunnen geven. Bitter en wrang is de doorwerking der zonde in het menschelijk lichaam. Ja, zoo verwrongen wordt vaak het natuurlijk levenproces, dat allerlei tegennatuurlijke maatregelen noodig zijn om de algeheele ineenstorting van het stoffelijk organisme te keeren. Of is de vaak levensreddende gastroenterostomie niet een tegennatuurlijke ingreep, waarbij tegen de natuur in een kunstmatige nieuwe verbinding tusschen maag en darm wordt aangelegd? Zoo zijn er tal van voorbeelden uit het groote gebied der heelkunde aan te halen. Ieder is hier in meerdere of mindere mate overtuigd van de noodzakelijkheid en doelmatigheid van den ingreep. Doch een huivering doorvaart ons als we zien hoe de natuurlijke wijze van levensvoortbrenging zóó kan derailleeren, dat het ernstigst denkbare conflict kan ontstaan, n.l. dat het voortbestaan van ieder der twee levens slechts mogelijk is, door te gronde gaan van het andere, en zoo niet, dat beiden dan gedoemd zijn te sterven. Direct stuiten we hier bij ons overdenken van de beste handelwijze op het positieve gebod „Gij zult niet dooden". Hoe nu? De handen in den schoot leggen en zeggen „Uw wil geschiede". Rome meent in waarheid en oprechtheid zóó te moeten handelen en in de reeds bovengenoemden encycliek „Casti Connubii" komt paus Pius dit nog eens zeer nadrukkelijk bevestigen. We lezen daar : Gij zult niet doodslaan. Maar ook. Eerbiedwaardige Broeders, moeten Wij melding maken van een ander zeer zwaar vergrijp, waardoor een aanslag gepleegd wordt op het leven van het kind, nog verborgen in den moederschoot. Sommigen houden, dat dit geoorloofd is en dat het aan de beslissing van vader of moeder moet worden overgelaten; anderen echter zeggen, dat het ongeoorloofd is, tenzij er zeer zware redenen bij komen, die zij geneeskundige, sociale en eugenetische i n d i c a t i e noemen. Deze allen eischen, ten opzichte van de burgerlijke strafwetgeving, waardoor het dooden van het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 88 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 88 Pagina's