1931 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 32
28 Eerst moeten, zullen we zuiver staan en den horizont kunnen overzien, de algemeene uitgangspunten van ons handelen bepaald worden, de detailleering volgt daarna en sluit zich van zelf bij het geheel aan. In groote trekken hebben we eerst de algemeene medische ethiek te bespreken. Veel wordt er aan onze Universiteiten gedoceerd, maar de medische ethiek, het zenuwstelsel van heel ons medisch handelen wordt nog overal behandeld als quantite negleable, trouwens een direct gevolg van de hooggeloofde neutraliteit onzer openbare Universiteiten. De Nederlandsche Maatschappij van Geneeskunde stelde wel een rechtspraak in, maar naar de beginselen, waarop die rechtspraak rust. mag msn raden. Hoe moet een Christenarts zich gedragen tegenover zijn patiënten, ziedaar de hoofdvraag? /\ls Christen d.w.z als een mensch. die God Hefheeft boven alles en den naaste als zich zelf. flls een mensch. die uit dankbaarhpid voor de verkregen verlossing door Christus nu naar alle geboden Gods begeert te leven, dus ook naar de gfeboden van de 2de Wetstafel De Christenarts belijdt ziin goddelük beroep uit te oefenen in diepe afhankelijkheid van Zijn God, aan Wien hij ook verantwoording van al zijn daden schuldig is. Hij ontving van Zijn God de krachten en het verstand om die dingen te bedenken en te doen welke God in 's menschen macht heeft willen stellen om de gevolgen der zond" in 'het menschelijk lichaam te helpen beteugelen. In ziin patiënt heeft hij te herkennen een medezondaar, die redding zoekt uit een lichamelijke ellende. Is die patiënt nu een mede-christen, wiens geestelijke taal hij in alles kan verstaan, dan is de weg volkomen geëffend en is er wederzijds volkomen verstaan en begrijpen mogelijk. Geheel anders reeds wordt de toestand zoo die mede-christen in het geestelijke een gansch ander dialect spreekt of ook als die patiënt een ongeloovige is. R\s zedelijk-redelijk wezen heeft ieder mensch er recht op, dat er, zoover maar even mogelijk is, overleg met hem gepleegd worde over iedere behandeling, welke de arts, ook de christenarts zich voorstelt hem te doen ondergaan. Naar gelang van de omstandigheden kan 't evenzoo noodig wezen ook de personen uit de naaste omgeving in dat overleg te doen deelen. Dit beginsel wordt, theoretisch althans, nog door nagenoeg alle artsen gehuldigd, daar de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 88 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 88 Pagina's