1933 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 84
78 paradijs ondenkbaar zijn en geheel in strijd wezen met het woord : „en God zag, dat het goed was". Maar we kunnen het begrip land uitbreiden, en de vertaling aarde in onze statenoverzetting geeft er aanleiding toe, tot de aarde in haar geheel met al wat er op en aan is; we bedoelen de aardkorst, de atmosfeer, het water, de dieren en de planten. Niet moeilijk is het nu aan te geven, dat onze planeet met toebehooren ongeveer in denzelfden zin als het akkerland de kenmerken van den zoogenaamden vloek draagt. Luisteren we slechts. De aarde beeft en hare korst scheurt vaneen en daardoor wordt zij aan de oppervlakte vernield en zij bedreigt mensch, dier en plant met ondergang. Zij draagt in haar binnenste de kokende lava en haar vulkanen braken asch, steen en heete modder uit en deze brengen dood en verderf aan in al het levende, dat aan haar voeten woont en de overlevende huivert bij den aanblik van den rookenden berg. De aarde draagt de woeste alp, vol van brokkelig gesteente, dat de voet wondt, en van gapende afgronden, die duizelig maken. In de hoogte bedekt hij zich met ijzige sneeuw en vormt er verlaten en onbewoonbare oorden. Qroote woestenijen liggen in de verstikkende zon zn vertoonen niets dan gruwelijk zand en gniepige, kale rotsen en boomen en struiken groeien er niet. De stormwind huilt over het heete zand en jaagt het op op en verstikt de karavaan met de beesten. Om de aarde woelen de wateren der zee en ze bedreigen de schepen en jagen ze naar de diepte. Zij overstroomen het land en verdrinken den bodem en al wie er op woont. Het vallende water stolt tot sneeuw en ijs en het bedekt de poollanden, die in doodsche kilheid en machtige verlatenheid nutteloos daar heen liggen. En de koene poolvorscher wordt weggenomen door de ontzaglijke koude. Het sijpelende water lost het mineraal op uit de rots en voert het naar een rustige plaats; het mineraal vormt door onbekende wetten het kristal, maar helaas blijft het door onnaspeurlijke oorzaak onvolkomen. . . . Zullen we nog meer van deze dingen noemen? Zij zouden in het paradijs, zoo is de gangbare opvatting, ondenkbaar zijn en in strijd wezen met het woord : en God zag, dat het goed was.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's