Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1933 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 82

Bekijk het origineel

1933 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 82

2 minuten leestijd

76 Door de ongehoorzaamheid wijzigt zich de verhouding van den mensch tot God. God komt dan tot den mensch met Zijn straf. 'Die straf is theologisch gesproken drieërlei, n.l. de schuld, de smet en het lijden. (Bavinrk). De schuld wijzigde de objectieve verhouding van den mensch tot God. Rdam had het recht Gods geschonden Voortaan zou hij niet anders kunnen dan onrecht doen De smet betcekent wijziging van de subjectieve verhouling tot God. Gods heiligheid is aangetast en voortaan zal /Idam alleen in onheiligheid kunnen leven. Het lijden manifesteert de verstoorde machtsverhouding tot God. Voortaan zou de mensch in onmacht zn beroofd van de ware kennis door het leven gaan en zou leed zijn deel zijn. Van dit laatste wist /\dam al iets uit de tot hem gerichte bedreiging : ten dage als gij daarvan eet zult gij den dood sterven. En hoewel God in zijn vloek den dood niet noemt, is het toch ons algemeen gevoelen als bijbellezers, dat hij onmiddellijk na de daad der ongehoorzaamheid kwam maar dan in beginsel. De sterlelijkheid en vergankelijkheid des lichaams werd het deel van den mensch. De nieuwtestamentische gegevens bevestigen dit, als zij spreken, dat door de zonde de dond in kwam (Paulus) Dit lijden is vooral het thema in den goddelijken vloek, uitgesproken tot de slang en tot Adam. Wij moeten eerst definieeren wat onder goddeliiken vloek te verstaan is. Daartoe krnnen we citeeren wat Dr, G Ch. Aalders zegt: „Is de menschelijke vloek een verwensching, onder goddelijke vloek hebben wij te verstaan een rechtstreeksche werking, die er van den Almachtige uitgaat om iets of iemand aan het verderf prijs te geven". (Zie de Chr. Ene. deel 5, pag. 612). En al wordt het woord verderf hier niet nader bepaald, we kunnen toch als we dit woord nemen in de gewone beteekenis, wel zoo ongeveer meegaan met deze verklaring. Dr. K. Kuyper spreekt trouwens in denzelfdcn zin. (Zie Gem. Gratie deel I). De vloek tot de slang gericht gaan we hier voorbij. Het is immers dubieus, of hier een dier dan wel de oude slang, d.i. Satan, bedoeld is. Is het eerste het geval, dan geldt toch de vloek alleen deze eene slang en niet de overige dieren-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's

1933 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 82

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 174 Pagina's