Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1936 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 172

Bekijk het origineel

1936 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 172

3 minuten leestijd

162 nieuwe vervangen H e t altijd groen zijn van den olijfboom is dan ook het mooie uit het beeld van Psalm 52 10 , M a a r ik ben als een groenende olijfboom in G o d s huis (vert Noordtzij) Uit dezen tekst IS met af te leiden dat er m den voorhof van den tempel olijven zouden groeien allereerst al omdat, toen Psalm 52 gedicht werd — blijkens het opschrift — de tempel nog niet bestond maar ook omdat m Psalm 92 13^—^14 hetzelfde beeld gebruikt wordt maar nu met palm en ceder D e rechtvaardige is als een olijfboom een palm en een ceder m hun verschillende heerlijkheid en blijft die schoonheid behouden terwijl hij verkeert m Gods Huis onder Gods altijddurende bescherming ) H e t IS geen hooge boom Zelfs onder de gunstigste omstandigheden als hij staat m een tot op groote diepte vochtigen alluvialen bodem w o i d t hij hoogstens 10 M De stam is gnjsachtig met alleen uit zichzelf maar vooral door de begroeiing met korstmossen, de bast is gegroefd en barst spoedig De omvang van den stam is met groot men treft zelfs bij eeuwenoude boomen slechts bij uitzondering een buitengewone dikte aan E e n oude olijfboom wordt vaak hol en lost zich soms op m een aantal knoestige wonderlijk dooreengegroeide stammen die een spookachtig geheel vormen F r Dunkel die m het zeer mooie R K Tijdschrift D a s Heilige Land een reeks artikelen geschreven heeft over verschillende vruchtboomen geeft de volgende beschrijving van den ohjfboom , Het zijn zeker met zijn sierlijkheid en schoonheid van vorm die den olijfboom m de eerste plaats geschikt deden schijnen om als koning te heerschen over de boomen W a n t hoe men hem ook moge beschouwen hetzij hij jong is of oud zelden heeft hij een mooie sierlijke gestalte Zijn stam is meestal krom gespleten en gescheurd alsof hij verscheiden malen achtereen door den bliksem w a s getroffen Bovendien is hij zoodra hij wat ouder wordt, meestal nog hol ook als het w a r e alleen nog maar een dikke uitgebrande netvormige schors die met steenen is gevuld Ja deze oude zwakke grijsaard die zich slechts op steenen krukken overeind kan houden met zijn kleine spitse bladeren en zijn naar alle kanten uitstekende takken en twijgen biedt met zijn grijsgroene kleur over het geheel een weinig lieflijken aanblik en is eerder geschikt om een droeve melancholieke stemming te wekken evenals de wilg m onze streken Hij ziet ei heel anders uit dan de andere boomen T o c h doen de altijd groene olijfbosschen bij G a z a Ramle Lydda Bet Schala en Nabloes het oog a a n g e n a a m aan ondanks hun matgroene doffe kleur en vooral midden m den zomer zijn zij een rustpunt voor het oog dat van alle kanten verblind w o r d t door het felle zonlicht Geheel anders beschouwt echter de Oosterling den olijfboom Hij let met op zijn met zeer fraaien vorm en ziet bewogen en d a n k b a a r

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 192 Pagina's

1936 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 172

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 192 Pagina's