1936 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 185
173 mets zegt en de naam Gethsemané, die „oliepers" of ,,ohekelder" beteekent Misschien wijst de uitdrukking m Job 29 6 , en de rots bij mij oliebeken uitgoot" op het persen m een uitholling van een rots met behulp van zware steenen, waarbij de olie uit een gleuf m de rots vloeide D e zoo verkregen olie het men tot rust komen om ze d a a r n a zooveel mogelijk van bij-bestanddeelen te reinigen V o o r zoover dit vaste deelen waren, w a s dat wel mogelijk, maar de vloeibare bij mengsels konden moeilijk verwijderd worden en zoo bleef deze olie altijd van mindere kwaliteit dan de gestooten olie" D e olie w e r d meestal bewaard in aarden vaten, die van boven afgesloten w e r d e n Kleine hoeveelheden voor dagelijksch gebruik w e r d e n m een aarden kruik gedaan Dit is de ,flesch" m 1 Kon 17 12, zooals ook de nieuwe vertaling aangeeft *•*) D a a r e n t e g e n moeten w e bij 2 Kon 4 • 2, w a a r de St V e r t ,,kruik" heeft, denken aan een fleschje, dat dienst deed om er zich uit te zalven ^'^ D e olie die bi) dit wonder uit de flesch vloeide, moest gegoten worden m ,,vaten", dus m de gewone bewaarplaatsen voor olijfolie O p reis en voor transport w e r d e n zakken uit dierenvellen vervaardigd gebruikt die voor het gebruik ,,gepekt" w e r d e n 4*') Velerlei is het gebruik van olijfolie m het dagelijksche leven H e t IS niet mogelijk, dit alles op te sommen D a a r o m slechts een greep 4") W a a r de Oosterling vethoudende voedingsmiddelen als melk en boter niet altijd m voldoende mate ter beschikking h a d vormde de olijfolie een belangrijk bestanddeel van zijn voedsel M e n gebruikte zelden olijfolie alleen, maar des te meer m allerlei spijzen Z o o werd het brood dikwijls m de olie gedoopt en het deeg van verschillende meelspijzen met olie vermengd of met olie bestreken Hiervan lezen we ook met betrekking tot verschillende offers Z o n d e r olie werden bereid de toonbrooden (Lev 24 5 ) , de ,,beweegbrooden" op het Pinksterfeest (Lev 23 16—17), het zondoffer (Lev 5 11) en het ,,ijveroffer" ( N u m 5 15) H e t warme klimaat en de daarmee s a m e n h a n g e n d e sterke zweetafscheidmg maakte het insmeren van het lichaam met een vettige zelfstandigheid van groot belang D a a r d o o r bleef de huid soepel Hiervoor w e r d olijfolie gebruikt Soms ook perste men de olijven tusschen de h a n d e n uit om zoo de olie te verkrijgen, ja zelfs wreef men het lichaam wel m met zacht geworden olijven, die daarvoor aan den ingang van de badhuizen te koop werden aangeboden D e olijfolie kreeg zoo het karakter van een zalf D e bewerking met olie w o r d t dan ook bijna altijd ,zalven" genoemd Gewoonlijk w e r d de olijfolie met een of andere stof vermengd die aan de ,,zalf" een aangenamen geur gaf D a t w a s niet ieders werk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 192 Pagina's