1939 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 12
8
zoogenaamd geïmmuniseerd worden en zijn serum gaat op den duur een groote hoeveelheid anti-stoffen bevatten. In zulk een serum blijken ook verschillende agglutininen voor te komen. Het wordt een immuunserum genoemd. Wanneer nu zulk een immuunserum van een konijn, dat ook daarin opgewekte agglutininen a en /? zal kunnen bevatten, wordt vermengd met suspensies van menschelijke bloedlichaampjes A en B, dan worden door deze laatste die speci fieke agglutininen a en j3 uit dat serum weggenomen. Hierbij blijft het evenwel niet, want Landsteiner Levine ontdekten dat er nu nog andere agglutininen overbleven, die zich met onbekende agglutinogenen in menschelijk bloed konden binden. Deze agglutinogenen werden door hen aangegeven met de letters M, N en P. Het zal duidelijk zijn, dat deze nieuwe groepen dus geheel staan naast die, welke door iso-agglutinatie werden opgespoord en dat een willekeu rig persoon dus naast de agglutinogenen A en B ook nog M of N of P, ja zelfs wel alle drie kan bezitten. Agglutinaties als deze, tot stand gebracht door middel van immuunsera uit dieren verkregen, vallen onder het begrip hetero-agglutinaties. Vloeistoffen met de agglutininen anti-M en anti-N bestaan dus niet, maar moeten bereid worden. Ook het R.I.V. te Utrecht heeft zich hiertoe gezet (Pondman, 1935), o.a. om Dr Paul Julien inder tijd te voorzien van materiaal voor zijn onderzoek van W est- en Centraal-Afrikaansche volksstammen. Deze bereiding is een moeilijk en ingewikkeld werk. Voor de inspuiting der konijnen moet men erythrocyten bezigen, die naast M of N geen A of B hebben, daar anders ook de agglutininen a en (3 mede worden gevormd in het konijn. Ze moeten dus MO of NO zijn. Zelfs is men er dan nog niet, daar de groep O ook een agglutinine bezit (anti-O of anti-R), zij het dan ook een hetero-agglutinine. Daar zelfs bij het gebruik van bloedlichamen MO of NO als regel niet alleen anti-O, maar ook (zij het meestal zwak) z.g. interfereerende agglutininen (als anti-A, anti-B en anti-N) zich kunnen gevormd hebben, moet het ruwe serum na dooden en uitbloeden van het konijn zoogenaamd gewasschen worden. Deze geheele serie van wasschingen gebeurt door het serum achtereenvolgens te absorbeeren aan suspensies van erythro cyten NA, NB en NO. Het eindproduct, dat dan dus alleen het agglutinine anti-M behoort te bevatten, heet nu de testvloeistof. Het verkrijgen van een anti-N testvloeistof is nog moeilijker, daar dit agglutinine de eigenaardigheid heeft bij het wasschen zich aspecifiek door de erythrocyten te laten meeslepen, zoodat het lastig is een testvloeistof anti-N te bereiden met een behoorlijken titer. Opmerkelijk is, dat de agglutinogenen M en N nooit tegelijk ont breken. Uit mededeelingen van Wellisch (de laatste uit 1936) kan opgeteld worden, dat toen aan iets meer dan 100.000 personen een M- of N-bepaling was verricht, waarbij zonder uitzondering hetzij de groep M, hetzij N, hetzij MN gevonden was.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's