1939 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 181
177
dat men het bestaan van iets heel goed kan kennen, zonder zijn natuur te kennen” (fr. 233). Het ..natuurlijk licht” moge ons dus geen volkomen zekerheid over God’s bestaan verschaffen, het geloof wel. In de geheimenissen van God’s w ezen doordringen is echter ook den geloovige nog niet ver gund; God blijft ook voor hem „infiniment incompréhensible”. Gelooven is van een hoogere orde dan theoretisch weten. Echter, al is het geloof niet zonder meer redelijk, daarom sluit het de Rede nog niet uit. ..Twee buitensporigheden: de rede uitsluiten, niets dan de rede erkennen” (fr. 253). De laatste stap der Rede is juist haar erkenning, dat oneindig veel dingen op natuurlijk gebied haar te boven gaan, hoeveel te meer dus op bovennatuurlijk gebied (fr. 267). De Rede zelf verwerpt het ,,dogmatisme”, de menschelijke redelijke religies; het Hart verwerpt het pyrrhonisme, dat ..neutraal” wil zijn; God’s genade echter verandert het Hart, zoodat het de openbaring ontvangen wil. En hoewel het heil niet verkregen wordt door de Rede, maar door God’s genade, toch kan de Rede dienen om haar eigen dwalingen te bestrijden en aldus zichzelf te onderwerpen. Met Augustinus zegt Pascal: ,,De rede zou zich nooit onderwerpen als zij niet oordeelde, dat er gelegenheden zijn waarbij zij zich moet onderwerpen” (fr .270). En die gelegenheid acht zij gekomen in de religie: ,,voor de mysteries van het geloof, die de H. Geest zelf ge openbaard heeft, reserveeren wij die ..soumission d’esprit”, die ons draagt naar geheimenissen, die voor zintuig en rede verborgen zijn" (II, 92). Daarom kan de Rede Pascal straks helpen een apologie te schrij ven voor het christendom, den godsdienst, die de Rede juist het diepst vernedert. Die apologie wil slechts de beletselen voor het verstand wegnemen, den akker toebereiden, waarin de Geest het zaad strooit. Met grooten hartstocht heeft Pascal hierin de valsche aanspraken der Rede in wetenschap en wijsbegeerte en religie be streden. Zijn onvergankelijke verdienste is, dat hij niet in plaats van rationalistischen twijfel een rationalistischen godsdienst gesteld heeft, noch ook den godsdienst in het gevoel heeft laten vluchten. Hij is de apologeet der openbaring. Samenvattend kunnen we zeggen, dat Pascal de christelijke realist bij uitnemendheid is. Hij bestrijdt het rationalisme in natuurweten schap. wiskunde en godsdienst, zonder daarmee in irrationalisme te vervallen. Hij minacht de Rede niet; zijn skepticisme raakt slechts de overspannen pretenties van de Rede en den menschelijken hoog moed. Daartegenover stelt hij een empiristisch realisme: wat voor de Rede onbegrijpelijk is, op welk gebied ook. houdt daarom nog niet op te zijn. De experimenteele gegevens in de natuurkunde en de grondslagen der wiskunde, behooren aanvaard te worden. Deze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's