Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1939 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 161

3 minuten leestijd

157 6.

De au toriteit.

Is in Pascal’s physica de ervaring dus no. 1 en de abstracte redeneering tweede in rang, de autoriteit gunt hij in de natuurwetenschap in het geheel geen plaats. In physische kwesties mogen bij de bewijs­ voering slechts redeneering en ervaring dienen, de autoriteit is daar onnut (II, 132 —134). ..Welk gezag de Oudheid ook moge hebben, de waarheid gaat voor, ook al is zij pas ontdekt, want zij is ouder dan alle meeningen, die men over haar heeft. Men miskent haar karakter als men meent, dat zij begonnen is in den tijd. dat men begonnen is haar te kennen” (II, 145). De natuur bestaat onafhankelijk van de meeningen, die de menschen over haar koesteren en dus stelt Pascal zich niet alleen tegen­ over het gezag der Oudheid, maar ook tegenover dat van de kerke­ lijke hoogwaardigheidsbekleeders; hun uitspraken kunnen de vast­ staande feiten niet veranderen. Niet in de natuurwetenschap, maar ook niet in die wetenschappen, waar het er op aankomt, wat bepaalde schrijvers geschreven hebben. Van deze laatste groep wetenschap­ pen kan men volledige kennis hebben, terwijl het onmogelijk is er iets aan toe te voegen (II. 131). De feitelijke inhoud van geschriften, die als bron dienen, mag evenmin vervalscht worden als het natuurwetenschappelijk feit. Als Pascal den Jezuïeten aangetoond heeft, hoe dwaas het is bij decreet vast te stellen, dat de aarde stil staat, laat hij volgen: ..Gij ziet dus, pater, welken aard de feitelijke dingen hebben, waaruit volgt, dat het onmogelijk is de 5 stellingen uit Jansenius te halen, als zij er niet in staan” 1) (VII, 55). De W iskunde.

Tegenover de historische en theologische wetenschappen, die op gezag of afgesloten bronnen berusten, stelt Pascal de wiskunde en de natuurkunde als de wetenschappen, die door de Rede (eventueel op grond van waarneming) gekend worden. Zij zijn voor uitbreiding vatbaar; autoriteit is bij hen onnut (II, 131—132). In de natuur­ wetenschap speelt de Rede voor Pascal een secundaire rol; in de wiskunde daarentegen is zij oppermachtig. Al wat Pascal aan goeds over de Rede te zeggen weet, zegt hij in verband met de wiskunde, die hij als „géométrie” aanduidt. Daaronder begrijpt hij behalve de eigenlijke meetkunde ook de rekenkunde en de werktuigkunde. Het verschil tusschen wiskunde en natuurkunde wordt reeds dui­ delijk als Pascal over definities spreekt. ..Definities zijn er” , zegt hij, „om de dingen een naam te geven, niet om hun natuur aan te duiden. x) Vijf theologische stellingen, waarvan Pascal en de volgelingen van „PortRoyal” ontkenden, dat zij inderdaad door Jansenius geleerd werden. Pascal be­ schouwt ,,jansenisme" als een constructie der Jezuïeten, waardoor zij, op geraffi­ neerde wijze de rollen omdraaiend, de „discipelen van Augustinus" van ketterij kunnen beschuldigen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's

1939 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 161

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1939

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 190 Pagina's